De gulle bank

scheiDe ochtend begint onbestemd en biedt ruimte om zaken te regelen die al dagen zijn blijven liggen, wat zeg ik, al weken zijn blijven liggen. De bibliotheek wacht op mijn boeken en eindelijk moeten die gordijntjes maar eens worden aangeschaft om de overburen het zicht op mijn dagelijkse gang van zaken te ontnemen. Al dagenlang surf ik tevergeefs naar websites met de juiste gordijntjes. De juiste gordijntjes lijken niet te bestaan. Wat ik zoek zijn gordijntjes die alleen het middengedeelte van het raam bedekken. Ze bestaan wel maar ze zien ze er gewoon belachelijk burgerlijk uit. Je ziet ze vaak voor de vensters van huiskamers in bejaardencentra of in de lokale kroeg met volksmuziek in de jukebox.

Maar eerst moet ik naar de bank en daar neemt mijn ochtend een onverwachte wending. Eerst denk ik dat mijn verkoudheid me nog parten speelt en ik door een lichte temperatuurverhoging hallucineer. “Of misschien ben ik onder de douche gestorven en begeef ik me in een andere levensdimensie,” denk ik als ik in de ruimte met geldautomaten sta. Ik kijk naar de hoek die ik niet anders ken dan een gewone, lege hoek. Nu staat er een keurig geklede man van een jaar of 40 met een Zuid-Europees uiterlijk. Het zou een Spanjaard, een Portugees of een Italiaan kunnen zijn die mij vanachter zijn kleine bar vriendelijk aankijkt. Voor hem staan glaasjes sekt, glaasjes water en een heel groot glas met balpennen.

Dit is mijn bankfiliaal en ik weet niets van een nieuwe opening. Normaal krijg je dan toch een berichtje of zelfs een uitnodiging. Bovendien hangen er nergens ballonnen noch lees ik dat we iets te vieren hebben. De meeste mensen om mij heen negeren de man en de bar. Ik heb ook dagen dat ik dat zou doen maar vandaag is niet zo’n dag. Vandaag wil ik weten of alles wel echt is. Dus bereid ik een keurige Duitse zin voor en spreek hem uit, in de richting van de nette man die nog steeds vriendelijk lacht.

“Is dit de nieuwe vorm van ontvangst in 2014?”, vraag ik hem lachend.
De man neemt mijn antwoord op, laat het tot hem doordringen en dan spreekt hij.
“Verbouwing. We bieden ons excuus aan voor de verbouwing. Daarom nodig ik u graag uit een glaasje te drinken.”
Naast de man staat een keurig aangeklede vrouw. Haar blouse en rok zijn net als de kleding van de man in de rode kleuren van deze Sparkasse-bank gestoken. De vrouw kijkt de man tevreden aan. Dat heeft hij toch maar mooi gezegd. Tegenover de bar zie ik achter de grote rij wachtende mensen dat de bank er inderdaad anders uitziet dan bij mijn laatste bezoek. Waar eerder de ontvangstbalie stond zie ik nu een timmerman in een blauwe overall in zijn neus peuteren.
“Dan kom ik strak nog even langs”, roep ik en schuif verder richting de geldautomaat. Na enkele ingewikkelde transacties heb ik eindelijk wat geld in mijn handen en loop naar de bar.
“Mag ik een glaasje pakken?”
De vrouw reikt mij een vol glas sekt aan en ik proost.
“Verbouwing. We bieden ons excuus aan voor de verbouwing. Daarom nodig ik u graag uit een glaasje te drinken.”
Ik kijk de man aan. Zou er een knop opzitten?
“Wat mij betreft mogen jullie iedere week verbouwen”, vertel ik en voel dat de alcohol al begint te werken. Had ik toch maar een boterham gegeten.
“Dan is de bank snel failliet”, zegt de man. Ik schrik. Hij beschikt over meer tekst dan ik dacht.
“Nou ja, het duurt niet lang meer, dan zijn alle banken failliet”, lach ik en weet dat ik geen tweede glas moet drinken.”
De man en de vrouw lachen een seconde maar nemen dan direct weer hun opgedragen houding aan. Stel je voor dat de filiaalleider net langskomt en ziet dat het personeel staat te lachen omdat iemand zegt dat de banken binnenkort failliet gaan.
“Verbouwing. We bieden ons excuus aan voor de verbouwing. Daarom nodig ik u graag uit een glaasje te drinken.”
Ik neem afscheid, loop tegen de glazen deur op, probeer hem open te duwen en zie dan te laat dat het duwen alleen voor de mensen aan de andere klant van de deur geldt. Ik wil daar nog iets over zeggen maar laat het. Buiten schijnt de zon en licht aangeschoten wandel ik over de Mehringdamm richting de AGB (Amerika-Gedenkbibliothek), mijn huisbibliotheek.

Voordat ik daar aankom bekijk ik de zijkant van het enorme gebouw tegenover de bibliotheek. Er staat geschreven dat zich achter die zijkant van alles bevindt wat je nodig hebt om je huis in te richten. De zaak heet Poco. “Gordijnen”, denk ik verheugd en wandel toch nog lichtjes aangeschoten naar binnen. Ik waan me in een goedkope uitvoering van Ikea. Op de 1e verdieping ga ik op zoek naar de Panneaux, Vorhang, Bistrogardine en Scheibengardine, de kreten die ik me nog herinner van mijn  digitale zoektochten naar de niet-burgerlijke gordijntjes. Gelukkig herken ik al snel enkele namen. Samen met drie Turkse oma’s en een paar kleinkinderen sta ik tussen de bakken vol gordijntjes, versierd met gouden randjes, bloemetjes, vogeltjes, hartjes, ruitjes en wolkjes. Ook in de echte wereld blijken de niet-burgerlijke gordijntjes dus niet te bestaan. De Scheibengardinen met grijze strepen zijn in de aanbieding. Van € 12,99 voor € 9,99. Bovendien zien ze er door de streepjes het minst burgerlijk uit.

“Deze zijn in de aanbieding?”, vraag ik voor de zekerheid aan een verkoopster.
“Momentje, alstublieft,” antwoordt ze vriendelijk.
Zou ik naar alcohol ruiken, bedenk ik me opeens.
“Helemaal juist, dat is een aanbieding”, zegt ze na het scannen van mijn toekomstige gordijnen. Ik loop linea recta naar de kassa op de begane grond, want ik zie overal spullen die ik wel eens zou kunnen gebruiken en ik heb absoluut geen zin om vandaag tassen vol spullen te kopen die ik wel eens zou kunnen gebruiken.
“In de gleuf doen, alstublieft”.
Ik kijk de caissière aan. Ze kijk nogal onvriendelijk. Ik neem het haar niet kwalijk. De naam van de zaak zegt mij dat de medewerkers hier waarschijnlijk geen riant salaris verdienen.
“In de gleuf doen?”, vraag ik. Geen antwoord. Dan zie ik ter hoogte van mijn linkerdijbeen een gleuf, net zo eentje als bij een geldautomaat. Zou het de alcohol zijn? Dit heb ik nog nooit meegemaakt.
“Hierin?”, vraag ik. Ik wijs op het apparaat wat ik nog nooit eerder heb gezien. De onvriendelijke caissière zegt niets. Ze denkt waarschijnlijk, was ik maar medewerkster bij een bank waar ze verbouwen en ik de hele dag gratis sekt mag weggeven. Ik laat haar dromen en stop een 20 euro biljet in de gleuf. Er volgen slikkende, metaalachtige geluiden. Mijn biljet is weg maar onder de gleuf bevindt zich een tweede gleuf en die spuugt een een 10 euro biljet uit. Aan de rechterkant van deze bijzondere machine valt een eenzaam 1 eurocentstuk in een plastic bakje. Het is een droevig geluid.

De caissière kijkt naar het hoge plafond. Het is duidelijk dat ze niet voor de honderdduizendste keer wil uitleggen hoe de machine werkt. Ik besluit niet verder te vragen en neem de 10 euro en 1 cent uit de machine. Dan verlaat ik deze winkel met het gevoel alsof ik uit het filmdoek een bioscoopzaal binnenloop. Mensen kijken mij aan en lopen verder. De zon schijnt nog steeds en ook de bibliotheek staat er nog. Ik kijk mensen aan en loop ook verder. Alles schijnt weer normaal te zijn. In de bibliotheek gebeuren geen noemenswaardige dingen. Op weg naar huis geniet ik nog even na van deze bijzondere ochtend en overweeg om morgenochtend opnieuw naar Poco te gaan om een gordijnenstang te kopen. Dat is wel zo handig.  Maar van tevoren natuurlijk eerst nog even langs de bank.

Advertenties

One thought on “De gulle bank

  1. Pingback: Als het moment klopt | Allard van Gent

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s