Honden en kunst in een unieke tentoonstelling

BPK 43.652

Rembrandt: De barmhartige Samaritaan 1633. © Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett / Foto: Jörg P. Anders

Rembrandt maakte ooit een ets met een kakkende hond. Het resultaat is te zien in de zomertentoonstelling Wir kommen auf den Hund in het Berlijnse Kupferstichkabinett. De woordspeling met hondenweer wilde ik ook maken, maar iemand van de Duitse omroep RBB schreef al eerder over een tentoonstelling, ‘waarschijnlijk passend bij het huidige hondenweer’.

Pablo Picasso: Le Chien (Der Hund), 1936. Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett. © Succession Picasso/VG Bild-Kunst, Bonn 2015/ Foto: Volker-H. Schneider

Pablo Picasso: Le Chien (Der Hund), 1936. Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett. © Succession Picasso/VG Bild-Kunst, Bonn 2015/ Foto: Volker-H. Schneider

Uniek
Dit is dé tentoonstelling voor de ware hondenliefhebber én de ware kunstliefhebber. Het Kupferstichkabinett toont deze zomer de mooiste schilderijen van hond en mens. Daarbij maakt het museum gebruik van zijn unieke positie over de meest omvangrijke en thematisch breedste verzameling Europese kunst uit 10 eeuwen in Duitsland te bezitten. Hieronder vallen prachtige werken met dieren van onder andere Agostino Carracci, Albrecht Dürer en Rembrandt tot Adolph Menzel, Otto Dix, Picasso, Max Liebermann en Dieter Roth.

Rembrandt
De tentoonstelling toont een scala aan thema’s die de kunst en de hond met elkaar verbinden. De hond is bij de voorstelling van het begin van de geschiedenis van de mens al terug te vinden in het paradijs naast Adam en Eva. De verschillende werken tonen de hond o.a. als waakhond, jachthond en als begeleider op de straten in grote steden. De kunstenaars gebruiken de hond ook als motief om gebruikelijke uitdrukkingsvormen te doorbreken, zoals Rembrandt, die op de voorgrond van een Bijbelse scene een hond plaatst die zojuist zijn behoefte heeft gedaan. Naast de studies naar de anatomische details hebben kunstenaars de geliefde viervoeters op talloze losse vellen als enig motief vastgelegd, tot aan het hondenportret aan toe.

Wir kommen auf den Hund!
van: 26.06.2015 tot: 20.09.2015
Kupferstichkabinett
Matthäikirchplatz
10785 Berlin

Openingstijden:
Zo 11:00 – 18:00
Ma gesloten
Di 10:00 – 18:00
Wo 10:00 – 18:00
Do 10:00 – 20:00
Vr 10:00 – 18:00
Za 11:00 – 18:00

Website museum

Plusminus met strakke, pakkende beats

Automat (foto: © Martin Walz)

Automat (foto: © Martin Walz)

Gisteravond bezocht ik Bar Tausend om het releaseconcert van Plusminus, het nieuwe album van de band Automat bij te wonen. Om binnen te komen moet je allereerst weten dat deze club zich direct onder de hoge S-Bahn brug bij Friedrichstrasse bevindt, achter een onopvallende stalen deur met bel. De portier laat je binnen en kijkt of je op de gastenlijst staat. Dat stond ik gelukkig. Ook de namen van de twee dames met wie ik onderweg was stonden genoteerd. Als het niet al te vol is kun je hier natuurlijk ook gewoon spontaan naar binnen lopen. Eenmaal binnen in de donkere ruimte sta je oog in oog met een chique, moderne bar, vol met vooral diverse soorten whisky, rum, wodka en gin. In deze absoluut coole en stijlvolle omgeving is vaak jazz en techno te horen. Achter de bar bevindt zich de ‘backroom Cantina’, een tip voor een bijzondere culinaire, Berlijnse avond in een stijlvolle omgeving. Je zit als gast bijna letterlijk in de keuken als je deze foto’s van een gast op Tripadvisor ziet. Volgens mediaberichten bevonden ook Leonardo DiCaprio en topmodel Bar Refaeli zich op een avond onder de bezoekers van dit bijzondere clubrestaurant.

Vanaf de barkruk heb ik een goed zicht op drummer Achim Färber, gitarist Jochen Arbeit en  zanger/basgitarist Georg Zeitblom. Uit de boxen klinkt een onmiskenbare technobeat, die de gasten achterin de bar naar het kleine podium lokt en de mensen in beweging zet. De power is dusdanig hoog, dat een probleem met de elektriciteit roet in het concert gooit en tot een gedwongen pauze van minimaal een half uur leidt. De bandleden drinken ontspannen een biertje, houden een praatje met kennissen en ik neem nog een gin-tonic (voor wie het weten wil, deze kost hier 8 euro, bier kost 4 euro), een drankje dat bij de entourage past. Nadat het technische euvel is verholpen beleven de aanwezigen een fantastisch concert. De gitaarsounds laten beelden van Prince en Jimi Hendricks  door m’n gedachten flitsen. Achim Färber drumt uitermate cool bij de zware basslines, terwijl zijn twee collega’s mij en de andere gasten meenemen op een muzikale reis met de nodige hoogtepunten. Het is heerlijk om je met de soms delirerende, soms hypnotische sounds mee te laten voeren.

Voor mij had dit concert nog uren langer mogen duren. Conclusie: een topconcert op een toplocatie. Het is absoluut de moeite waard Automat live te beleven en de sounds direct in je op te nemen. Dat kan op 16 juli in So36, waar ze om 20:30 uur te gast zijn. Een uur later maakt de band plaats voor de Pentatones, de vierkoppige technoband uit Leipzig met live-synthesizers en de stem van frontzangeres Delhia de France. 16 juli belooft wederom een bijzondere avond te worden.

Pentatones

Lees ook: Tweede album Automat, de band der post-punk grootheden

Berlijn Kreuzberg en kranten

In het lokale buurtblad Kiez und Kneipe las ik een interessant artikel over de geschiedenis van het Berlijnse dagblad Tagesspiegel. Ik vroeg de auteur Peter S. Kaspar, die tevens de uitgever van het blad is, of ik de tekst in het Nederlands op mijn blog mocht zetten. Dat was geen probleem. Veel leesplezier!


kk3Kiez und Kneipe, juni 2015

70 jaar op zoek naar de oorzaak

Peter S. Kaspar feliciteert Tagesspiegel alvast vooraf

Ooit was Kreuzberg het absolute centrum van de perswereld. In de Kochstraße lagen de kranten voor het oprapen. Er verschenen ochtendkranten, middagkranten en avondkranten.

De grote verscheidenheid van media eindigde in 1933, toen de pers door de nazi’s gelijkgeschakeld werd. Na de oorlog was het perslandschap net zo dood en saai als de vele uitgebrande steden.

De overlevenden werden met dorre mededelingsbladen of zogenaamde Heeresgruppenpresse (Allard: dit zijn militaire kranten die na de bezetting van Duitse en Oostenrijkse, maar ook Italiaanse en Japanse gebieden door de propaganda-eenheden van de geallieerde troepen sinds eind 1944 in de taal van het bezette land werden uitgegeven) op de hoogte gehouden.

Dat veranderde op 1 augustus 1945. Toen verstrekten de  Amerikanen voor de eerste keer een licentie voor het laten verschijnen van een dagblad. Dat was de Frankfurter Rundschau. Steeds meer zogenaamde ‘licentiekranten‘ (Allard: in tegenstelling tot de Heeresgruppenpresse gaven de Duitsers deze kranten zelf uit en waren er ook verantwoordelijk voor. De kranten vormden de wederopbouw van de Duitse pers. Kranten zonder licentie bleven nog tot 1949 – het jaar waarin de persvrijheid in Duitsland officieel weer in ere werd hersteld – verboden) zagen de weken en maanden daarna het daglicht. Er bevonden zich klinkende namen onder zoals de Süddeutsche Zeitung of de Rhein-Neckar-Zeitung. Op 27 september kwam er nog eentje bij: de Berliner Tagesspiegel. De krant werd opgericht door de schrijver Erik Reger, de journalist Walther Karsch, de papierfabrikant Heinrich von Schweinichen en de kunsthistoricus Edwin Redslob.

Voor sommige personen van het eerste uur bleek Tagesspiegel een springplank naar een grote carrière. Klaus Bölling, regeringswoordvoerder onder Helmut Schmidt, was de eerste volontair op de redactie van Tagesspiegel. Ook Egon Bahr werkte aan het begin van zijn loopbaan voor dit blad.

Tot een waar symbool werd het in 1954 betrokken uitgevershuis aan de Potsdammer Straße, dat met zijn toren en het karakteristieke schrift 55 jaar lang een stempel op deze straat drukte voordat Tagesspiegel zes jaar geleden naar het nieuwe gebouw aan de Askanischer Platz verhuisde.

Daartussen lagen vele ups-and-downs. Niet alles werd volledig uitgezocht naar het zelfgekozen motto van Tagesspiegelrerum cognoscere causas”, dat de krant ertoe verplicht alles tot op de bodem uit te zoeken. Zo is het tot op de dag van vandaag niet alleen een raadsel waarom de licentie van medeoprichter en uitgever Schweinichen werd ingetrokken, hij werd ook nog eens formeel uit de annalen van de krant verwijderd.

Tagesspiegel gold steeds als een liberaal blad, dat altijd een stuk chiquer was dan concurrent Berliner Morgenpost en na de val van de muur de Berliner Zeitung. Vooral in de jaren zestig werd dit duidelijk. De Morgenpost had als Springer-krant (Allard: Springer is o.a. uitgever van Bild) een slechte naam en daardoor was er voor veel lezers geen ander alternatief.

Na de val van de muur lukte het Tagesspiegel moeizaam om in het oosten van de stad vaste voet te krijgen, maar dat gold omgekeerd ook voor de nieuwe, grote concurrent Berliner Zeitung in het westen van de stad.

kk5

Tagesspiegel werd de meest geciteerde hoofdstedelijke krant en de pretenties stegen. Men wilde in een andere divisie spelen, daar, waar de Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ), de Süddeutsche en die Welt zich bevonden. Een fusie met de uitgever Berliner Verlag (Berliner Zeitung) werd in ogenschouw genomen. Ironischerwijze mislukte dit uitgerekend door de tussenkomst van uitgeverij Springer, die bij de kartelautoriteit de mogelijkheid van een monopolistische positie meldde.

Tagesspiegel staat sinds jaar en dag bekend om de gerenommeerde journalisten zoals Harald Martenstein of Bernd Matthies. Maar ook een Alexander Gauland, die vandaag de zogenaamde ‘stalen helm fractie‘(Allard: hardnekkige fractie binnen een partij) van de AfD (Alternative für Deutschland ) leidt, hoorde eens tot de regelmatige columnisten. En dat Hellmuth Karasek, ooit tegenspeler van Marcel Reich-Ranicki, opklom tot uitgever van Tagesspiegel, liet sommige collega’s soms ietwat radeloos achter.

Daarvoor is vandaag de dag Giovanni di Lorenzo, de voormalige hoofdredacteur en uitgever, één van de meest markante Duitse journalisten. In Hamburg leidt hij ondertussen de redactie van Die Zeit. Tagesspiegel is vandaag nauw verbonden met deze invloedrijke weekkrant uit Hamburg en dat ligt niet alleen aan Giovanni di Lorenzo, maar ook aan de familie Holtzbrinck, die niet alleen eigenaar is van Tagesspiegel maar ook van die Zeit.

Sinds 2009 zetelt Tagesspiegel in Kreuzberg en is daarmee na Bild en taz het derde dagblad dat in Kreuzberg wordt gemaakt.

Peter S. Kaspar is schrijver en freelance journalist. Hij geeft sinds 2004 het door hem ontwikkelde magazine Kiez und Kneipe uit. Dit blad verschijnt maandelijks in een oplage van 3.000 exemplaren in vele cafés, winkels en kantoren in de Kreuzberger buurten Bergmannkiez, Chamissokiez en Graefekiez.