Nieuwjaarstoespraak Angela Merkel

merkelneujahr“Beste landgenoten,

Het jaar 2016 was een jaar met zware beproevingen. Daarover wil ik vanavond met u spreken, maar ook over waarom ik ondanks alles optimistisch over Duitsland ben en waarom ik zo zeer van de krachten van ons land en zijn mensen overtuigd ben.

De zwaarste beproeving is zonder twijfel het islamistische terrorisme die ook ons Duitsers al sinds vele jaren in het vizier heeft. In 2016 viel hij midden in ons land aan: in Würzburg, in Ansbach en pas een paar dagen geleden op de kerstmarkt hier bij de Gedächtniskirche in Berlijn.

En ja, het is bijzonder bitter en afschuwwekkend als terroristische aanslagen door mensen worden begaan die in ons land zogenaamd bescherming zoeken. Die juist om die reden de hulpbereidheid van ons land beleefd hebben en die met hun daden honen. Zoals ze ook degenen honen die daadwerkelijk onze bescherming nodig hebben en verdienen.

Hoe zit het dan met het optimisme waarover ik in het begin sprak? Optimisme midden in het diepe verdriet vanwege de doden en de gewonden?

Ik bedoel, we konden het optimisme hier in Berlijn en in vele andere Duitse steden juist tijdens deze zware dagen voelen: in de troost die we kunnen geven of ontvangen.

En in een stevige vastberadenheid de wereld van de terroristen onze menselijkheid en onze verbondenheid op te werpen.

Doordat we ons leven en ons werk weer oppakken zeggen we tegen de terroristen: jullie zijn met haat vervulde moordenaars maar zoals wij leven en leven willen, dat bepalen niet jullie. Wij zijn vrij, menselijk, open.

Ook doordat we bijvoorbeeld met de beelden van het gebombardeerde Aleppo in Syrië voor ogen nog een keer mogen zeggen hoe belangrijk en juist het was dat ons land ook in het afgelopen jaar  degenen die daadwerkelijk onze bescherming nodig hadden geholpen heeft om hier bij ons voet te vatten en te integreren.

Dat alles weerspiegelt zich in onze democratie, in onze rechtstaat, in onze waarden.

Ze zijn de weerlegging van de met haat vervulde wereld van het terrorisme en ze zullen sterker zijn dan het terrorisme. Wij gezamenlijk zijn sterker. Onze staat is sterker.

Onze staat doet alles om zijn burgers veiligheid in vrijheid te garanderen.

Dit werk is nooit afgelopen en juist in dit jaar hebben we de veiligheidsdiensten veel nieuwe ondersteuning gegeven. In 2017 zullen we als Duitse regering daar, waar politieke of wettelijke veranderingen nodig zijn, zo snel mogelijk de noodzakelijke maatregelen voorbereiden en omzetten.

Velen verbinden met dit jaar 2016 ook het gevoel dat de wereld in het geheel uit elkaar is gevallen of dat datgene, wat lange tijd als verworvenheid gold,  nu in twijfel wordt getrokken. De Europese Unie bijvoorbeeld. Of de parlementaire democratie die zich naar men beweert niet met de belangen van de burgers zou bezighouden maar alleen voor een paar enkelingen van voordeel zou zijn.

Wat voor valse voorstellingen.

Ja, Europa is langzaam. Het is moeizaam. Het heeft diep ingrijpende gebeurtenissen zoals het uittreden van een lidstaat te aanvaarden. En  ja, Europa zou zich daarop moeten concentreren wat het werkelijk beter kan dan de nationale overheid.

Maar nee, wij Duitsers moeten ons nooit laten voorspiegelen dat het varen van een nationale koers een gelukkige toekomst zou betekenen.

Waar Europa, net als in de globale concurrentie, bij bescherming van onze grenzen of bij de migratie, als geheel wordt uitgedaagd moet het ook als geheel het antwoord vinden, hoe moeizaam en taai het ook is. En wij Duitsers hebben er alle belang bij hierbij een leidende rol te spelen.

Het is ook vals beeld Hoe sommige onze parlementaire democratie schetsen is ook een valse voorstelling. Maar de parlementaire democratie is sterk. Ze maakt medewerking en inspraak mogelijk. Ze accepteert, nee, ze eist tegenspraak en kritiek. Kritiek, die vredig en met respect voor ieder individu wordt geuit, die oplossingen en compromissen zoekt en niet hele groepen uitsluit.

2017 is ook het jaar van de volgende parlementsverkiezingen. Ik zal mij voor een politieke gedachtewisseling inzetten waarbij we over veel zaken hartstochtelijk kunnen strijden maar steeds zoals als democraten die nooit vergeten dat het een eer is onze democratie en daarmee de mensen te dienen.

Tot dat mij voor ons Duitsland bemoedigt hoort ook onze sociale markteconomie. Zij laat ons crises en veranderingsprocessen beter bedwingen dan ieder ander economisch systeem op de wereld.

Nog nooit hadden zoveel mensen een baan zoals vandaag de dag. Onze bedrijven staat er voor het merendeel goed voor. Ons economische succes geeft ons de mogelijkheden ons sociale systeem te verstevigen en al diegenen te helpen die hulp nodig hebben. Vanaf morgen treden bijvoorbeeld belangrijke verbeteringen in het gezondheidszorg in werking.

Wat mij ook bemoedigt is het enthousiasme en de vindingrijkheid waarmee in Duitse bedrijven en aan onze universiteiten voor de toekomst onderzoeken worden verricht en ontwikkeld. Of nieuwe vormen van energie of de digitalisering – we hebben op alle gebieden de kans niet degene te zijn die zich laat aanjagen maar tot degenen te behoren die nieuwe wegen ontdekken en bepalen.

Daarvoor is een open blik op de wereld nodig en zelfvertrouwen – in ons en ons land.

Verbondenheid, openheid, onze democratie en een sterke economie die het welzijn van iedereen dient: dat is het wat voor mij onze toekomst hier in Duitsland ook aan het einde van een zwaar jaar optimistisch laat zijn.

Geen enkele van deze waarden is ons gemakkelijk gegeven. Voor elke waarde zullen we ook in 2017 moeten werken, allen gezamenlijk, ieder naar zijn of haar kunnen – en dat werk zal de moeite waard zijn.

Ik wens u en uw familie van harte een gelukkig Nieuwjaar, geluk en Gods zegen.”

Advertenties

Silvester

Was fange ich Silvester an?
Geh ich in Frack und meinen kessen
Blausanen Strümpfen zu dem Essen,
Das Herrn Generaldirektor gibt?
Wo man heut nur beim Tanzen schiebt?
Die Hausfrau dehnt sich wild im Sessel –
Der Hausherr tut das sonst bei Dressel -,
Das junge Volk verdrückt sich bald.
Der Sekt ist warm. Der Kaffee kalt –
Prost Neujahr! Ach, ich armer Mann!
Was fange ich Silvester an?

Wälz ich mich im Familienschoße?
Erst gibt es Hecht mit süßer Sauce,
Dann gibt’s Gelee. Dann gibt es Krach.
Der greise Männe selbst wird schwach.
Aufsteigen üble Knatschgerüche.
Der Hans knutscht Minna in der Küche.
Um zwölf steht Rührung auf der Uhr.
Die Bowle -? („Leichter Mosel“ nur – )
Prost Neujahr! Ach, ich armer Mann!
Was fange ich Silvester an?

Mach ich ins Amüsiervergnügen?
Drück ich mich in den Stadtbahnzügen?
Schrei ich in einer schwulen Bar:
„Huch, Schneeballblüte! Prost Neujahr -!“
Geh ich zur Firma Sklarz Geschwister –
Bleigießen? Ists ein Fladen klein:
Dies wird wohl Deutschlands Zukunft sein …
Prost Neujahr! Helft mir armem Man
Was fang ich bloß Silvester an?

(Einladungen dankend verbeten.)

Kurt Tucholsky, Parijs (Foto: Wikipedia)

Kurt Tucholsky, Parijs (Foto: Wikipedia)

Kurt Tucholsky (1890 – 1935)

„Terrorisme heeft geen religie en geen nationaliteit“

Foto: YouTube

Dat na de aanslag in Berlijn de angst onder de bevolking toeneemt, dat moge duidelijk zijn. Zelf ben ik ook onderdeel van deze bevolking. Nu kan ik wel schrijven ‘we moeten niet bang zijn’ maar wat helpt dat? Daarmee neem je de angst niet weg. Politici kunnen wel oproepen tot meer tolerantie maar ook dat is geen oplossing van een veel groter probleem. Welke kant gaat het op in de wereld, in Europa? Gaan we ten onder, komt er oorlog, moeten we iets doen? De angst niets gedaan te hebben is veelal het grootst en juist die angst is de perfecte voedingsbodem voor rechts-populistische politici die nu hun kans schoon zien aan de macht te komen.

In een speciale uitgave van het Berlijnse dagblad Tagesspiegel schreven op 15 oktober gevluchte journalisten over hun ballingschap in Berlijn. Twee van hen doen mee met het project „Amal, Berlin!“ van de Evangelische school voor journalistiek. Dat is een bijscholingsproject voor gevluchte journalisten. Zij en twee „Amal“-collega’s schreven op 21 december in Tagesspiegel over hun inzichten en gedachten na de aanslag op de kerstmarkt in Berlijn. Hieronder hun bijdragen in het Nederlands.

Duitsland, wakker worden!

Samer Masouh uit Syrië schrijft: de aanslag van maandagavond zal grote uitwerkingen hebben op de politiek. Hij biedt de rechtse partijen een excuus bondskanselier Angela Merkel en haar open-deur-politiek aan te vallen. Deze politiek bracht sinds de zomer van 2015 vele vluchtelingen naar Duitsland en niemand kon controleren welke politieke en religieuze overtuiging de vluchtelingen hebben en wat ze in het verleden hebben gedaan.

Angela Merkel heeft deze politiek tot nu toe tegen alle aantijgingen verdedigd. Na de terroristische aanslag bevindt ze zich echter in de onbehaaglijke positie dat de openbare opinie zich definitief tegen haar keert. Binnen afzienbare tijd zal de politiek zich strenger ten opzichte van vluchtelingen opstellen maar het gaat er toch om de woede van de bevolking te absorberen.

Voor de vluchtelingen was Duitsland het land van hun dromen. Ze hebben al hun hoop erop gevestigd, hun toekomst ligt hier. Nu kijken ze echter met grote angst naar wat er op ze af kan komen: Hossam, een Syriër die sinds drie jaar in de hangar op luchthaven Tempelhof woont zegt: „Ik ben voor geweld en terreur gevlucht om veilig in Duitsland te leven.

Maar het terrorisme is nu ook hier – en erger nog: hoewel wij, en ook de meerderheid van de vluchtelingen, walgen van deze daden, worden we verdacht. We verwachten en vrezen dat wij de consequenties te dragen hebben.” Nisreen, een jonge vrouw die een jaar geleden naar Berlijn kwam vult aan: „Toen ik het bericht hoorde heb ik de deuren gesloten en ik was met geen stok op straat te krijgen. Mijn uiterlijk en mijn Arabische accent zijn zo duidelijk. Ik bad dat het een ongeluk was geweest of dat de daders in ieder geval geen vluchtelingen uit Syrië zijn.”

De vluchtelingen vrezen dat de regering de voorschriften tegen hen zal aanscherpen en dat ze de sympathie van de bevolking zouden kunnen verliezen. Velen hebben een goede herinnering aan de de vrijwillige helpers die op genereuze wijze hun bereidwilligheid aanboden. Deze sympathieën hebben afgenomen nadat vluchtelingen meerdere zware misdaden hadden begaan.

De conclusie kan alleen een echte ommekeer in de asielpolitiek zijn. Mensenrechten en de legitieme belangen van Duitsland moeten weer in evenwicht worden gebracht. De Duitsers mogen niet slachtoffer worden van een onmenselijke, op het verleden gerichte ideologie. Ze hebben op grootse wijze een helpende hand aangeboden, helaas ook aan degenen die deze ideologie in hun hoofden dragen. Het wordt tijd wakker te worden. Het preciezer toekijken wie Duitsland binnenkomt beschermt niet alleen de Duitse maatschappij, ook de meerderheid van de vluchtelingen profiteert hiervan. Ze willen positief bijdragen aan het algemeen belang en niet als verdachte worden gezien.

Veel beterschap, liefste

Khalid Al Aboud ui Syrië schrijft:  „Veel beterschap, liefste“: ik weet niet hoe ik erop gekomen ben deze zin voor Berlijn op Facebook te zetten toen ik maandagavond over de verschrikkelijke aanslag hoorde waarbij minstens 12 mensen zijn gestorven. Misschien, omdat Berlijn de armen geopend had en ik me hier veilig mocht voelen toen ik mijn land moest verlaten en geen ander land mij wilde opnemen.

Misschien ook, omdat ik – als Syriër – weet wat het betekent als een stad in het vizier van terroristen terechtkomt. Omdat onschuldige burgers op een weerzinwekkende manier om het leven zijn gebracht, omdat een misdadiger door andere misdadigers werd wijsgemaakt dat hij deze misdaad moest begaan.

Na al de aanslagen de laatste tijd in Europa neemt ook bij mij de angst toe. Vele vragen gonzen door mijn hoofd: welke uitwerking zal deze misdaad op de samenleving hebben – en op mij, als deel van deze samenleving? Zal ik nu de wereld bewijzen dat ik niets met deze daden te maken heb, vooral als wordt bevestigd dat de aanslagpleger een moslim of zelfs van Arabische afkomst is zoals ik? Moet ik dat doen?

Na de aanslagen in Parijs, Nice en elders hebben veel van mijn vrienden zich openlijk gedistantieerd. Ik vond dat altijd een verkeerde houding. Het zijn criminele daden en het is totaal irrelevant wie ze begaan heeft, welke nationaliteit en religie deze mensen hebben. „Terrorisme heeft geen religie en geen nationaliteit“, dat hebben islamitische vrienden altijd weer gezegd. Maar waarom zou ik me van dit terrorisme distantiëren dat ik zo haat en dat tegenstrijdig is met alles wat ik geloof, met mijn waarden en met mijn overtuigingen? Terrorisme waarmee ik niets te maken wil hebben? Dat zijn veel vragen. Vooral zou ik echter de dader de vraag willen stellen: hoe kun je geloven dat je het recht hebt andere mensen te doden die niets anders doen dan zich verheugen op kerst in deze mooie stad Berlijn?

Als wantrouwen groeit

Asmaa Yousuf uit Egypte schrijft: een Berlijnse avond, vol sfeer, kerst, mooi mild winterweer. En dan opeens het bericht van de aanslag. Een Pakistaanse vluchteling werd als verdachte gearresteerd en weer vrij gelaten. In de cabine van de vrachtwagen werd het lijk van een Poolse burger gevonden. De mensen waren geschokt toen ze het bericht hoorden. Iedereen op zijn eigen manier.

De bezoekers van de kerstmarkt hoorden de knal en hoopten dat het alleen om de geluiden van een adventsfeest iets verderop gegaan zou zijn. Ze zagen de vrachtwagen en baden dat het een verkeersongeluk was. Of, als het om een aanslag zou gaan, dat de terrorist alsjeblieft geen vluchteling zou zijn. De mensen van Arabische afkomst hoopten dat de dader iemand anders zou zijn dan een Tunesiër of een Syriër en ook de Pakistani en Afghanen hielden hun adem in bij het slechte voorgevoel. Je wordt veroordeeld, ook als de anderen schuldig worden bevonden.

De grootste schade hier: de mensen verliezen hun medeleven. In plaats van over de slachtoffers te praten en ze bij te staan draait alles erom waar de dader vandaan komt en hoe de daad zich op zijn landgenoten in Duitsland zou kunnen uitwerken. Al snel begint de angst voor het wantrouwen waarmee mensen met Oriëntaalse trekjes in zulke situaties worden geconfronteerd. Je merkt hoe de woede van het volk zich tegen je kan richten. Of dat je je daardoor laat aansteken: dat ook jij je zou kunnen laten meeslepen ertoe op te roepen dat vluchtelingen het land uitgezet moeten worden en de toegang van vluchtelingen aan banden gelegd moet worden. Hoe gemakkelijk kun je een racist ten opzichte van jezelf worden.

Druk en horror – dat is wat we hebben geleerd, omdat we in een maatschappij leven die in toenemende mate door nationalistische en populistische geluiden wordt vormgegeven. Hoe komen we hieruit? Duidelijk is dat het niet voldoende is als enkele politici opstaan en oproepen tot meer tolerantie en een betere vorm van samenleven.

Waar komt de dader vandaan?

Sharmila Hashimi uit Afghanistan schrijft: de Afghaanse samenleving onder de vluchtelingen heeft in de afgelopen jaren in Duitsland een eigen internet- en Facebook cultuur ontwikkeld. Deze is gevuld met veel criminele gebeurtenissen en de daarmee verbonden openbare discussies. En ook na de gebeurtenis op maandag werd al snel duidelijk wat hier bijzonder typisch is: de vraag naar de herkomst van de dader domineert de discussie en verdringt de deelneming bij en het medeleven met de slachtoffers. Ook vragen over wie de dader heeft gestuurd en wat hij met zijn daad wilde bewerkstelligen raken op de achtergrond.

Ook de Duitse media pakken de vraag naar de herkomst van de dader op. Dat heeft natuurlijk zijn weerslag op de gemeenschap van de vluchtelingen en beïnvloedt de manier hoe daar over de dader wordt gediscussieerd. Hoezo zijn er er zo mee bezig waar de dader vandaan komt? We weten toch dat in de voorstelling van veel Europeanen het terrorisme met de islamitische wereld is verbonden en vluchtelingen snel worden veroordeeld. In de openbare opinie maakt het geen verschil welke nationaliteit de dader precies heeft.

Hoezo ontstaan bij ons dergelijke gedachten? De vluchtelingen zijn zelf voor het terrorisme op de vlucht geslagen en ze vrezen dat de herkomst van de dader invloed zou kunnen hebben op bijvoorbeeld hun asielaanvraag of op de manier hoe ze in de maatschappij worden aangekeken. Voor hen staat nog meer op het spel: zo vrezen velen de sympathie van de buitenwereld te verliezen. Ze zijn bang dat de vrijwillige hulpverleners zich van ze afkeren en dat ze dan helemaal alleen achterblijven.

We moeten niet vergeten: iedereen is slechts voor die misdaden verantwoordelijk die hij zelf heeft begaan. Niemand mag vanwege zijn herkomst of zijn nationaliteit veroordeeld worden. Denk er liever over na hoe we zulke daden kunnen voorkomen.

Bron: Nach Anschlag vom Breitscheidplatz – Was Flüchtlinge in Berlin jetzt fürchten