Digitale werkelijkheid

Ik zit al jaren in een chatgroep met mensen die ik alleen virtueel ken. In die chat heet ik Peppie. De anderen hebben bijnamen als Kruitje, Poekie, Kratje en Balpen, om er maar een paar te noemen.

De onderwerpen in deze WhatsApp-groep zijn heel divers: humor, serieuze zaken en barpraat. In de virtuele bar schrijf je wat je zo op een dag meemaakt. „Ik ben zenuwachtig.” „Ik ga zo koken.” „Ik heb vervelende schoonfamilie op bezoek.” „Ik ben boos.” Meestal zijn het alledaagse ervaringen.

Vandaag schreef ik over iets wat me overkwam in een supermarkt, tweehonderd kilometer van huis.
„Hallo! Vandaag wat meegemaakt, je gelooft het niet. In de supermarkt duwde een dame mij gewoon met haar karretje aan de kant en keek me daarna ook nog verwijtend aan. Echt een bitch. Ze had een belachelijk blauw hoedje op. En voor ik het wist, noemde ik haar een k.twijf. ‘Onbeschofte vlegel’, riep ze nog en de andere klanten vielen haar bij. Ik heb het maar laten gaan en ben weggegaan. Niet te geloven, wat een middag.”

Een van mijn vaste chatvriendinnen is Nietje. Met haar heb ik altijd de meeste lol. We kennen elkaar al zeker drie jaar. Het toeval wil dat ik uitgerekend vandaag haar bericht had gemist:

„Ik had net dat blauwe hoedje gekocht waar ik het eerder over had. Daarna ging ik boodschappen doen. Je gelooft niet wat ik daar heb meegemaakt. Daar stond een type die gewoon niet aan de kant wilde. Echt een brutale vlegel. En onbeschoft! Hij noemde me een k.twijf, echt waar! Terwijl ik gewoon met mijn karretje langs wilde. Wat lopen er toch agressieve eikels rond. Ik ben blij dat deze chat bestaat. Als de wereld eruitzag zoals hier, zou het leven een stuk leuker zijn.”

Deze column staat ook op metronieuws.nl