Tarozie (7)

Vandaag pakte ik wederom het boekje dichters van deze tijd uit de kast en sloeg het bewust willekeurig open. Ik belandde op pagina  6 bij “DE DAPPERSTRAAT” van J.C. Bloem. Wederom tarozie.

DE DAPPERSTRAAT

Natuur is voor tevredenen of legen
En dan: wat is natuur nog in dit land?
Een stukje bos, ter grootte van een krant,
Een heuvel met wat villaatjes ertegen.

Geef mij de grauwe, stedelijke wegen,
De in kaden vastgeklonken waterkant,
De wolken, nooit zo schoon dan als ze, omrand
Door zolderramen, langs de lucht bewegen.

Alles is veel voor wie niet veel verwacht.
Het leven houdt zijn wonderen verborgen
Tot het ze, opeens, toont in hun hoge staat,

Dit heb ik bij mijzelve overdacht,
Verregend, op een miezerige morgen,
Domweg gelukkig, in de Dapperstraat.

Tarozie (6)

Vandaag pakte ik wederom het boekje dichters van deze tijd uit de kast en sloeg het bewust willekeurig open. Ik belandde op pagina 182 bij “LENTE” van J.W. Schulte Nordholt. Wederom tarozie.

LENTE

Lente is een luchtig geloof, regen
lacht door zijn tranen heen, loopt
met witte voeten over het gras,
het regent zilver in de rivier.
Ursula en haar duizend maagden
weten niet wat hun te wachten staat.

Adem van licht hangt in de bomen,
de ernstige bomen, Abraham Lincoln
loopt door de wildernis van het Westen.
Lente is een pionier van de vrijheid.
Maar het rood aan de einder is avondrood.

Lopen de paarden, de blauwe paarden
van de luidruchtige wind van verre
aan op de wereld, wast levend water
in de verlangende harten, hoe donker
is eenmaal water, one more river
there’s one more river to cross.

dbnl