De werkelijkheid volgens Daniel Kehlmann

© Heji Shin

© Heji Shin

De schrijver Daniel Kehlmann vestigde met zijn vierde roman Ich und Kaminski zowel nationaal als internationaal de aandacht op zich. Drie jaar later kwam de grote doorbraak er met zijn bestseller Die Vermessung der Welt, waarvan meer dan twee miljoen exemplaren over de toonbank gingen. Het boek werd liefst in 50 talen vertaald. Wie is deze auteur, wat schrijft hij, hoe schrijft hij en waar haalt hij zijn materiaal vandaan?

Daniel Kehlmann werd in 1975 in München geboren als zoon van de Oostenrijkse regisseur Michael Kehlmann en de Duitse actrice Dagmar Mettler. Het gezin verhuisde in 1981 naar Wenen.  Daniel Kehlmann studeerde er filosofie en literatuurwetenschappen. In 1997 verscheen zijn debuutroman Beerholms Vorstellung. De uitgever raakte het boek destijds aan de straatstenen niet kwijt. Ook na het grote succes van Die Vermessung der Welt (2005) bleef het boek slecht verkopen.  Pas nadat Kehlmanns nieuwe uitgeverij Rowohlt het boek als nieuwe editie op de markt bracht, kwamen er tienduizenden bestellingen voor zijn debuutroman binnen.

Op zoek
Sommige mensen vinden Beerholms Vorstellung het beste werk van Kehlmann. De schrijver zelf distantieert zich van deze mening, maar niet van zijn boek. Het verhaal gaat over een jongen die goochelaar wil worden. Niet zomaar een goochelaar, maar één die écht kan goochelen en geen trucjes uithaalt. Het verhaal begint en eindigt op het terras van een televisietoren. Arthur Beerholm, de ik-persoon, vertelt hoe hij daar is terechtgekomen.

De Duitse literatuurwetenschapper Joachim Rickes, die in zijn boek Daniel Kehlmann und die lateinamerikanische Literatur onder meer ingaat op de invloeden van de Zuid-Amerikaanse literatuur op het werk van Kehlmann, ziet in het hoofdpersonage de schrijver Daniel Kehlmann zelf. De goocheltrucs symboliseren volgens hem de romans. Op het einde van het verhaal staat het hoofdpersonage voor een tweesprong: wanneer hij over de balustrade springt, zal de wind hem dan opvangen of zal hij toch naar beneden vallen? Rickes ziet hierin de auteur zelf, die het risico neemt om zich volledig met het schrijven bezig te houden. Springt hij in de wereld van de kunst en wordt hij schrijver?

bv1Het verhaal speelt met realiteit en fantasie, met werkelijkheid en droom. De lezer weet niet meer wat echt is, maar ook de schrijver zelf weet het niet langer. Beerholms Vorstellung is net als alle werken van Kehlmann voorzien van vele kleine, onopvallende details en laagjes. Neem bijvoorbeeld het leerboek van de jonge goochelaar. Dat is geschreven door ene Adam von Librikov. Het is duidelijk dat achter dit anagram de naam Vladimir Nabokov schuilgaat, die naast Thomas Mann de belangrijkste ‘huisschrijver’ van Daniel Kehlmann is. Op de weblog van de Nederlandse journalist Wim Noordhoek, die zich sinds jaar en dag bij de Nederlandse omroep VPRO met literatuur bezighoudt, las ik dat hij na het lezen van Het meten van de wereld meteen alle andere boeken van Kehlmann wou lezen. “Eén van zijn kenmerken is het iets niet weten. Je kunt wel denken, dit is een grote schrijver die alles overziet. Maar nee, hij weet het dan zelf ook vaak niet. Zeker bij zijn debuut Beerholms Vorstellung. Ik denk, dat is een boek waar hij aan begonnen is en hij het zelf ook niet wist. Hij zoekt zichzelf. Ik vind het meesterlijk”, aldus Wim Noordhoek.

Een dialoog tussen de goochelaar Arthur Beerholm en zijn goochelmeester Jan van Rode maakt duidelijk hoe Kehlmann in zijn verhaal met de werkelijkheid speelt. De goochelmeester is aan het woord: “Arthur, u trekt de grens veel te nauw. Ik verraad u een geheim, een zeer groot geheim, waar iedereen vanaf weet, behalve u. Dit hier is een droom. Ik bedoel dat niet filosofisch, God bewaar me! Het is daadwerkelijk een droom. En wel uw droom. Wij horen er allemaal bij, een ieder van ons is uw verzinsel. Als u ontwaakt, dan zijn wij weg, niet meer, verwijderd, wij zijn er nooit geweest.”

Dit soort onzekerheid komt vaak op een humoristische manier aan bod in het verhaal, bijvoorbeeld als Van Rode eraan toevoegt: “Bent u niet lekker? Niet ontwaken, alstublieft niet! Ter wille van mij. Ik wil nog blijven.”

Na de roman over de goochelaar verscheen in 1998 de bundel met korte verhalen Unter der Sonne. Volgens literatuurwetenschapper Markus Gasser, die in zijn boek Das Königreich im Meer – Daniel Kehlmanns Geheimnis als eerste wetenschapper een uitgebreid boek over het werk van Daniel Kehlmann schreef, is het titelverhaal de eerste poëtische tekst die Daniel Kehlmann überhaupt geschreven heeft. Zelf vind ik het titelverhaal het beste, omdat het prachtig beschrijft hoe de ambitieuze literatuurwetenschapper Kramer alles in het werk stelt om iets over ‘die andere wereld’ te ervaren, waarin zijn lievelingsdichter Bonvard leeft. Die andere wereld is in de ogen van Kramer een wereld met villa’s waarin mensen leven die meesterwerken scheppen.

Mahlers Zeit (1999) is de roman die na de verhalenbundel verschijnt. In dit boek beschrijft Kehlmann hoe de jonge David Mahler in een droom de formule ontdekt om de tijd te keren. Een typisch kenmerk van Kehlmann is de dubbele leesbaarheid van het verhaal. De eerder genoemde literatuurwetenschapper Gasser is van mening dat David Mahler het bij het juiste eind heeft. Andere lezers vragen zich af hoe geloofwaardig het verhaal is. Zelf realiseerde ik me na het lezen van Mahlers Zeit dat ik het niet wist. Het verhaal gonsde hoe dan ook nog lang na in mijn hoofd. Een ander typisch Kehlmann-kenmerk is het gebruik van spiegels en spiegelingen. In Mahlers Zeit wordt in een plas regenwater het spiegelbeeld van een vliegtuig gereflecteerd. Als David met zijn voet het water beweegt, vervaagt het beeld. Als hij naar boven kijkt, is er geen vliegtuig te zien.

Gebroken realisme
In Kehlmanns derde roman Der fernste Ort (2001) is er opnieuw sprake van een groot spanningsveld tussen werkelijkheid en onwerkelijkheid. De verwachtingen van de lezer worden doelbewust in de verkeerde richting gestuurd. Als je de roman goed analyseert, dan bestaat er geen twijfel over dat dit verhaal de laatste stukjes bewustzijn van een stervende man weergeeft. Kehlmann geeft bijna onmerkbaar aan dat de hoofdpersoon aan het verdrinken is, en dit een verhaal lang. In 2003 verschijnt de roman Ich und Kaminski. Veel literatuurcritici zijn het erover eens dat dit boek een nieuwe fase in het werk van Kehlmann inluidde. Het verhaal is lichter en luchtiger, met nog meer humor doorspekt en er gebeurt meer in. Hoewel net als in Kehlmanns vorige boeken de geheimzinnigheid blijft, heb je als lezer in Ich und Kaminski minder het gevoel op het verkeerde been te worden gezet. Dat is in dit verhaal ook minder de bedoeling. In de vlot geschreven roman wil een betweterige, arrogante journalist furore maken door een biografie over de kunstschilder Kaminski te schrijven. Het verhaal is een schitterende parodie op ‘het kunstwereldje en de media’.

vdwEen typisch Kehlmann-kenmerk in Ich und Kaminski is dat de lezer niet honderd procent zeker weet of de blinde Kaminski wel echt blind is. Uit het verhaal komen verschillende antwoorden op die vraag bovendrijven. Deze vorm van onzekerheid kenmerkt het ‘gebroken realisme’, zoals Kehlmann het basisprincipe van zijn manier van schrijven zelf noemt in zijn boek Diese sehr ernsten Scherze (2007), met daarin zijn lezingen over poëzie aan de universiteit van Göttingen.
Na het succes van Ich und Kaminski volgt Kehlmanns vijfde roman, zijn internationale bestseller Die Vermessung der Welt. Het verhaal over de Duitse wetenschappers Humboldt en Gauß kun je op meerdere manieren lezen. Het boek biedt wetenschappers een scala aan mogelijkheden om in te gaan op de symboliek en de verschillende lagen van het verhaal. Maar ook de minder geoefende lezer beleeft veel plezier aan dit boek. Het verhaal zit vol met absurde scenes à la Monthy Python waardoor het echt lachen geblazen is. Dat vond ook Wim Noordhoek: “Het meten van de wereld is gewoon ontzettend geestig. En waarom? De zelfspot. Dat is in Duitsland wel heel uitzonderlijk. En Duitser dan Gauß en Humboldt kun je niet zijn”.

ruRoem
Na de bestseller, die in 2012 als speelfilm in de Duitse bioscopen te zien was, duurt het vier jaar vooraleer Kehlmanns zesde roman Ruhm (2009) onder grote mediabelangstelling op de markt komt. Dit boek wordt voorafgegaan door het boekje Leo Richters Porträt, een grappig kortverhaal over de schrijver Leo Richter die voor een journalist vlucht die een portret over hem wil schrijven. De schrijver Leo Richter zien we als een alter  ego van Kehlmann terug in Ruhm. In deze roman schreef Kehlmann niet over de geschiedenis maar over de huidige tijd, over mensen die gevangen zitten in de hedendaagse techniek. Het boek gaat over mobiele telefoons en internet en natuurlijk ook over roem. De titel is een kleine knipoog naar het succes van Kehlmanns vorige boek. De literatuurcritici in de Duitse kranten reageerden verschillend. De schrijver is ongrijpbaar en het lijkt erop dat sommige critici en journalisten daar moeilijk mee overweg kunnen.

De Süddeutsche Zeitung, die volgens literatuurwetenschapper Rickes ‘een belangrijke stem in de anti-Kehlmann-concerten” is, verscheen in januari 2009 met de kop ‘Een sodoku is geen roman’. De recensent schrijft dat het boek op een belangrijke manier is mislukt. ‘Het boek openbaart een zwakte van de schrijver, zijn grens. Hij kan geen personages verzinnen die voor de auteur serieuze weerstand opwerpen, die tegenover hem geheimen bewaren, die hij niet zou kunnen oplossen.’ De Frankfurter Allgemeine Zeitung prees het boek echter aan, net als de Neue Zürcher Zeitung, getuige de volgende literaire kritiek:’“Ruhm stroomt over van het raffinement. Daniel Kehlmann schijnt alles te kunnen: van de messcherpe pointe tot de running gag, van de nonchalante dialoog tot elegant proza, van hoge stijl tot gehakkel over de werkelijkheid, van symboliek tot drama, van suspense tot zelfkritiek, van de causerie tot de substantiële gedachte, daarbij ironie, parodie, satire, groteske. Ruhm toont hem als virtuoos van thematische verbindingen en multi-perspectieven, van complex motiefgebruik en paradoxale kruising van fictionele lagen.’ Ook dit boek werd in 2012 verfilmd.

lobInvloeden
Tot slot is het interessant om te weten dat Kehlmann zeer belezen is. In zijn laatste boek Lob: Über Literatur (2010) schrijft hij over het werk van onder andere Thomas Bernhard, Truman Capote, J. M. Coetzee, Stephen King, Max Goldt, Heinrich von Kleist, Thomas Mann, Samuel Beckett en Shakespeare. Eerder, in 2005, schreef hij in het boek Wo ist Carlos Montúfar? essays en recensies over onder meer Voltaire, Tolkien en John Updike, om er slechts enkele te noemen. De titel verwijst naar de man die Humboldt van 1802 tot 1804 begeleidde bij de beklimming van de Chimborazo. Kehlmann legt in zijn boek uit waarom voor deze persoon geen plaats was in zijn roman Die Vermessung der Welt.

Kehlmann heeft ook een fascinatie voor enkele grote Zuid-Amerikaanse schrijvers. Zowel tijdens lezingen als in interviews vertelt hij hier graag over. Om dit zo goed mogelijk te illustreren, kan ik niet anders dan de schrijver zelf citeren en daarmee ook dit artikel af te ronden: “De grootste literaire revolutie van de tweede helft van de twintigste eeuw, dat waren de vertellers uit Zuid-Amerika, die bij Kafka inhaakten en de grenzen tussen dag- en nachtwerkelijkheid, tussen wakker zijn en dromen vertroebelden. Romans als grote dromen, waarin alles mogelijk is. Zo ontstonden de fonkelende meesterwerken van dit continent: Honderd jaar eenzaamheid, Ficties, Het koninkrijk van deze wereld en Pedro Paramo. Ook Bolano’s De woeste zoekers hoort erbij. Hier (in Duitsland) wilde men er niet veel van weten, haakte in op het dadaïsme van de naoorlogse periode, haalde men de humor eruit en noemt men het een experiment. Klankpoëzie en sociaal engagement – de beide beklemmende hoekpilaren van het radicale realisme.”

Vertaalde werken van Daniel Kehlmann:
Ik en Kaminski (Ich und Kaminski)
Het meten van de wereld (Die Vermessung der Welt)
Roem (Ruhm)

N.B. Bovenstaand artikel schreef ik voor Kunsttijdschrift Vlaanderen en verscheen in uitgave 345, juni 2013. F, de laatste roman van Daniel Kehlmann, verscheen eind augustus 2013 bij uitgeverij Rowolt.  De vertaling naar het Nederlands door Gerda Meijerink is sinds oktober 2013 verkrijgbaar.

Advertenties

Wereldpremière van Kehlmann’s nieuwe roman “F”

04/09/13: Daniel Kehlmann en Thomas Brussig in het Haus der Festspiele in Berlijn

04/09/13: Daniel Kehlmann en Thomas Brussig in het Haus der Festspiele in Berlijn

Ademloos. Zo luisterde ik vanavond naar Daniel Kehlmann, die op de openingsavond van het 13e internationale literatuurfestival in Berlijn uit zijn nieuwe roman „F“ voorlas. De scene herinnerde me direct aan zijn debuut „Beerholms Vorstellung“, waarin een goochelaar de hoofdrol speelde. In “F” bezoekt een vader met zijn zonen een voorstelling van een hypnotiseur. Een prima gelegenheid voor de bestseller-auteur om met de werkelijkheid te spelen. De vader heet Arthur, net als de hoofdpersoon in “Beerholms Vorstellung”. Dat is vast en zeker geen toeval, want vrijwel niets is toeval in de boeken van Kehlmann.

Nadat de schrijver de scene heeft voorgelezen barst er een groot applaus los. Iedereen was meegenomen en ik weet nu al dat dit boek een bestseller wordt. Natuurlijk is dat een wilde gok als je slechts een half uurtje naar een deel uit een boek heb geluisterd, maar als je de eerste reacties uit de media erbij optelt, dan kan een verkoopsucces niet uitblijven. Dit onderwerp snijdt ook presentator (en eveneens schrijver) Thomas Brussig aan. Hij formuleert nogal cryptisch dat aan veel bestsellers artistiek gezien vaak wat hapert maar dat hij dat bij “F” niet kon vaststellen. Kehlmann laat zich niet uit de tent lokken om grote uitspraken over succes te doen.

Hij citeert liever een beroemde andere persoon wiens naam mij is ontschoten maar die zei “ik schrijf vanuit passie en publiceer voor het geld”. Kehlmann had er geen moeite mee om te zeggen dat hij hoopt dat veel mensen zijn nieuwe boek lezen en dus kopen. Ik knikte en wist dat dit onderwerp bij de Duitse literatuurrecensenten telkens weer opduikt als ze over Kehlmann schrijven. Het is alsof ze hem het succes niet gunnen, om wat voor reden dan ook.

Voor mij was het een geslaagde avond. Naast mij zat een Kroatische journalist/filmmaker, die net als ik ook alle boeken van Daniel Kehlmann had gelezen. “Ik las één boek en toen wist ik dat ik alles moest lezen”, vertelde hij me. Ik herkende dat gevoel, want ook ik wilde na de eerste kennismaking meer lezen. Gelukkig is er nu dus de nieuwe roman. Gezien de lange rij wachtenden besloot ik het boek niet vanavond te kopen en te laten signeren. Dan zou ik er nu nog staan. Zo heb ik een paar extra dagen extra om naar een nieuw boek uit te kijken.

Of ik ga naar de bibliotheek. In Berlijn heb je de speciale “bestseller-service”. Voor 2 euro mag je de bestseller 2 weken in huis hebben. Je kunt het boek niet van tevoren bestellen noch kun je de periode verlengen. Er wordt uitgegaan van de bestsellerlijst van Der Spiegel, waar “F” binnenkort vast en zeker op zal verschijnen. Het was een tip van mijn Kroatische buurman in de zaal van het Haus der Berlines Festspiele. Het bestseller-systeem is in 2008 in het leven geroepen, omdat te veel leden van de bibliotheek te lang op pas verschenen bestsellers moesten wachten.

Internationaal literatuurfestival Berlijn met o.a. J.M. Coeztee, Salman Rushdie, Arnon Grunberg, Geert Mak, Ellen Deckwitz, Joke van Leeuwen, Dominique Goblet, Simon Gronowski, Maarten Inghels, Koenraad Tinel, Bracht Vandenbroucke en In Koli Jean Bofane.

Lange rij wachtenden voor de signeersessie van Daniel Kehlmann

Lange rij wachtenden voor de signeersessie van Daniel Kehlmann

Daniel Kehlmann signeert zijn nieuwe roman "F".

Daniel Kehlmann signeert zijn nieuwe roman “F”.

Daniel Kehlmann signeert "F", zijn nieuwe roman.

Daniel Kehlmann signeert “F”, zijn nieuwe roman.

F

Foto: Wikipedia: Daniel Kehlmann bij de Nestroy-Theaterprijs 2012 in het MuseumsQuartier in Wenen.

Foto: Wikipedia: Daniel Kehlmann bij de Nestroy-Theaterprijs 2012 in het MuseumsQuartier in Wenen.

In het Süddeutsche Zeitung Magazin (SZM) stond vandaag een groot interview met de schrijver Daniel Kehlmann. Natuurlijk is het geen toeval dat juist vandaag het interview verscheen, want aanstaande woensdag presenteert hij tijdens het 13e internationale literatuurfestival in Berlijn zijn nieuwste roman “F”. De redacteuren van de Süddeutsche Zeitung noemen het boek “zelfs onderhoudender dan zijn bestseller ‘Die Vermessung der Welt'”.

Tijdens de presentatie in Berlijn zal Kehlmann een stuk voorlezen uit “F”. In het interview in het SZM wordt natuurlijk al iets over het boek prijsgegeven. Bijvoorbeeld dat één van de helden in het verhaal door jongeren in elkaar wordt geslagen en met een vlindermes wordt opengereten. De man sleept zichzelf al stervende naar zijn woning en teert daar weg.

Of het leuk is om je personages af te slachten, vraagt de interviewer in het artikel. “In tegendeel”, vertelt Kehlmann. “De dood van dit personage heeft mij meegenomen. Ik wilde juist het onverwachte en de zinloosheid uitdrukken die met dit onheil samenhangen. Georg Büchner had 80 jaar oud kunnen worden en de Duitse literatuur voor altijd kunnen veranderen. Er bestaat geen innerlijke logica voor het feit dat hij op 23-jarige leeftijd gestorven is – en dat geldt voor alle mensen.”

Het interview gaat ook over het schrijven in het algemeen. De interviewer wil weten of Kehlmann bij het schrijven van de eerste zin het einde van de roman al kent. Kehlmann vertelt dat dit bij “F” niet het geval was. “Ik wilde mezelf verrassen en kijken waar de personages mij naartoe brengen. Ik heb het manuscript telkens weer bewerkt, zodat de compositie ook functioneerde.  Van enkele delen uit de roman bestaan vier of bij complete versies.”

“Om die reden schrijf ik sinds enkele jaren weer met de hand”

Schrijven auteurs  vandaag de dag op een computer? Een logische vraag, omdat de verleiding om op internet te gaan natuurlijk zeer groot kan zijn. “Je kan niet genoeg offline zijn bij het schrijven. Anders klik je bij de eerste moeilijkheid meteen op “News” en bekijk je wat er in de wereld aan de hand is. Om die reden schrijf ik sinds enkele jaren weer met de hand. Jonathan Franzen liet zelfs zijn laptop door een technicus zo manipuleren, dat hij daarmee helemaal niet meer op internet kon.” Kelhmann gaat niet zo ver al Peter Handke, die met potlood schrijft en alle stompjes bewaart en naar boeken sorteert. “God zij dank niet. Maar ik gebruik sinds mijn eerste roman wel dezelfde Montblanc vulpen. Dit is van alle spullen die ik heb het voorwerp waarover ik me bij het verlies ervan het meest zou ergeren”, aldus Daniel Kehlmann.

Het artikel beslaat drie volle pagina’s tekst en is leuk voor de liefhebbers van Kehlmann en van literatuur in het algemeen. Het begint bijvoorbeeld met de vraag welke boek vrouwen zouden moeten lezen om mannen te kunnen begrijpen. “Oorlog en vrede. De titel verklaart alles”, aldus Kelhmann. En welk boek zouden jongeren moeten lezen ter voorbereiding op het volwassen zijn. “Oorlog en vrede. En de novelle The Shadow-Line van Joseph Conrad.” Maar de korte vragen en antwoorden worden afgewisseld met vragen die een meer filosofische inslag hebben.

Het is altijd de moeite waard een stap terug te zetten en de dingen dan te beschouwen als iemand uit de verwijderde toekomst

Bijvoorbeeld de vraag of het klopt, dat hij probeert om zijn heden vanuit de toekomst te betrachten, om zo de gewoonte van zijn blik op het leven af te leren. Kehlmann antwoordt, dat men dit zou moeten cultiveren, omdat je anders het heden in zijn toestand van toevalligheid voor de normale toestand aanziet. “Een heel banaal voorbeeld: er zijn van die televisieshows waarin ze in stukjes film laten zien hoe prominente gasten er dertig jaar geleden uitzagen. Dan hoor je ze altijd zeggen: ‘Jeetje, dat haar!’ En dat onmogelijke pak!’ Ik denk dan: over dertig jaar, lieve prominente gast, zal jij hetzelfde over jouw pak zeggen wat je nu aanhebt. Dat is precies de stap die men veel te weinig zet. Wat nu als heel normaal geldt, is pure willekeur. Een ander voorbeeld: hotellobby’s zien er vandaag vaak uit als de decoratie in veertig jaar oude Science Fiction films. We bewegen door onwerkelijk futuristische interieurs en vinden dat normaal. Het is altijd de moeite waard een stap terug te zetten en de dingen dan te beschouwen als iemand uit de verwijderde toekomst.”

Eerdere publicatie over “F” op dit blog

Presentatie “F” van Daniel Kehlmann
4 september, 20:30 uur
Haus der Berliner Festspiele
Toegang: € 12,00
Website literatuurfestival