Omvangrijke Kafka-biografie na 18 jaar voltooid

KBild2Midden jaren negentig vat de Duitse literatuurwetenschapper Reiner Stach het plan een groot opgezette Kafka biografie te schrijven. S. Fischer Verlag gaat akkoord. In 2002 verschijnt het eerste deel, zes jaar later deel twee en in 2014 sluit Stach zijn mammoetproject af. De biografie telt ruim 2.000 pagina’s.

Ik las de biografie, sprak uitgebreid met de auteur ervan en schreef vervolgens mijn bijdrage voor de actuele uitgave van Kunsttijdschrift Vlaanderen. Het nummer is via de link in de vorige zin te bestellen.

In het Duitse televisie-programma alpha-forum komen persoonlijkheden uit de politiek en economie, wetenschap en maatschappij, religie en cultuur 45 minuten uitvoerig aan het woord. Op 26 april 2016 was de Duitse Kafka-biograaf Reiner Stach te gast.

TIP: Reiner Stach vertelde me tijdens het interview dat hij de film ‘Wege entstehen beim Gehen’ de beste documentaire over Franz Kafka vindt. Klik op onderstaande foto om deze documentaire (00:44:06) te bekijken.

Advertenties

Marcel Beyer verrijkt hedendaagse Duitse literatuur met actuele geschiedenis

Voorproefje van de bijdrage in Kunsttijdschrift Vlaanderen 357, jaargang 65,  februari 2016

beMarcel Beyer (23-11-1965, Tailfingen) groeit op in Kiel en Neuss. Van 1987 tot 1991 studeert hij Germanistiek, Anglistiek en Literatuurwetenschap aan de universiteit Siegen. Tot 1996 woont hij in Keulen. Daarna verhuist de schrijver naar zijn huidige woonplaats Dresden. Marcel Beyer geldt als één van de meest veelzijdige, Duitstalige auteurs. Essays, gedichten, libretto’s, theaterteksten en romans, hij verstaat alle disciplines. De hoge kwaliteit van zijn werk vond zijn bekroning in meer dan 20 prestigieuze, literaire prijzen in Duitsland. De meest recente onderscheiding is de Bremer Literaturpreis 2015 voor zijn dichtbundel Graphit.

Mensenvlees
Das Menschenfleisch luidt de titel van Beyers eerste roman uit 1991. Het is een boek over liefde en jaloezie, gemixt met diverse theorieën over de taal. Simone Kaempf van Der Spiegel noemt het schitterend hoe Marcel Beyer in deze roman zijn protagonisten enkel door hun taal een liefdesverhouding laat aangaan. De Frankfurter Allgemeine Zeitung (FAZ) noemt het boek juist onverdraaglijk vanwege de vele taaltheorieën die erin worden geciteerd of geparafraseerd . Ook de Nederlandse literatuurrecensente Anneriek de Jong is niet onder de indruk. Zij vindt het aanhangsel met alle door Beyer geciteerde en geparafraseerde filosofen, schrijvers, regisseurs en zangers “misschien wel het leesbaarste gedeelte van het hele boek”, aldus haar bijdrage in NRC-Handelsblad.

Vliegende honden
In 1995 breekt Marcel Beyer in Duitsland en internationaal door met zijn tweede roman Flughunde. Het boek verschijnt in 1997 onder de titel Vliegende honden bij uitgeverij Meulenhoff. De roman eindigt in de beroemde Führerbunker waar Adolf Hitler de laatste weken van de Tweede Wereldoorlog verbleef. De kracht van de roman ligt in het vertelperspectief van de fanatieke akoesticus Hermann Karnau en van de twaalfjarige Helga, één van de zes kinderen van Joseph en Magda Goebbels. De doorgedraaide geluidstechnicus wil alles uit de menselijke stem halen wat mogelijk is, van dodelijk rochelen tot doodskreten. Ondanks dat sommige personages namen van reële personen dragen, onderstreept Beyer in zijn nawoord dat ze net als de andere personages verzinsels van de schrijver zijn. Veel recensenten vergelijken de akoesticus met Grénouille, de protagonist uit de bestseller Parfum van Patrick Süskind. Karnau  is een stemmenmonster, Grénouille een geurenmonster. Vliegende honden zijn overigens grote vleermuizen, die in de gebombardeerde Berlijnse Zoologischer Garten ten onder gaan als uiteindelijk alles ten onder gaat. “Een ondergang van de wereld zonder ark van Noach”, typeert literatuurrecensent Hellmuth Karasek de laatste passages treffend. In 2013 maakt de Oostenrijkse striptekenares Ulli Lust een fraaie striproman van Flughunde.

Spionnen
In het jaar 2000 verschijnt Beyers derde roman Spione. De vier ‘spionnen’ zijn kleinkinderen die in een vergeeld foto-album opa zien afgebeeld als een met medailles behangen officier van de Wehrmacht. Op veel foto’s ontbreekt de helft waar oma had moeten staan. De familie zwijgt hierover en dus gaan de kinderen zelf op zoek naar de oplossing van het raadsel. Net als in Flughunde gebruikt Beyer een roman om iets over de eigentijdse geschiedenis te vertellen, in dit geval het bombardement op Guernica. Daar is opa als gevechtsvlieger van het beruchte Legion Condor actief. Zijn vrouw was een operazangeres die zeer jong door kanker stierf. Het boek wordt door de critici uiteenlopend ontvangen. Martin Luedke van Die Zeit vindt de roman ‘vlees noch vis’. “Misschien heeft het succes van het vorige boek de blik belemmerd”, aldus Luedke, die het boek weliswaar mislukt vindt maar Beyer nog wel tot de meest getalenteerde schrijvers van de hedendaagse Duitse literatuur rekent.

Beyer - De nacht_HRDode kraaien
Zijn vierde roman Kaltenburg (2008) is net als Flughunde een internationaal succes. In 2009 verschijnt het boek bij uitgeverij Cossee onder de naam De nacht dat het dode kraaien regende. Dit verhaal zit geraffineerd in elkaar en is leesvoer voor de geoefende lezer. De Nederlandse titel slaat op de scene waarin verteller Hermann Funk als jongetje het bombardement van Dresden overleeft en zijn ouders verliest. Hij loopt door het bos waar zwarte brokstukken uit de lucht vallen. Het zijn verkoolde kraaien die tijdens hun vlucht zijn verbrand. De ornitholoog Kaltenburg is gebaseerd op Konrad Lorenz. Beiden zijn in 1903 in Wenen geboren en er ook in 1989 gestorven. Het grote verschil is dat het onderzoeksinstituut van Konrad Lorenz in Westfalen staat, terwijl Kaltenburg voor Dresden kiest. Het is een ontroerende, spannende en suggestieve roman, die door de versplinterde chronologie en lange, associatief gerangschikte herinneringskronkels echter wel het nodige geduld van de lezer vergt. Dat schrijft het Duitse dagblad Die Tageszeitung. Michaël Zeeman noemt in zijn lovende recensie in De Volkskrant de constructie van het verhaal het enige zwakke punt: “De verteller vertelt Kaltenburgs geschiedenis aan een bezoekster. Dat raamwerk is erg conventioneel en dat was niet nodig geweest”. Hubert Spiegel van de FAZ noemt Kaltenburg de meesterlijke voorstelling van de hedendaagse geschiedenis aan de hand van een roman, een boek waarmee Beyer volgens hem zijn veel geroemde roman Flughunde nog overtreft.

Poëzie
Zijn debuut als dichter in literair Duitsland maakte hij na drie minder bekende bundels in 1997 met Falsches Futter. De FAZ noemt het een “indrukwekkende, poëtische debuutbundel”. Vijf jaar later verschijnt Erdkunde. Hierin creëert Beyer het Oost-Duitsland als een ruimte vol fantasie en dromen. Dat schrijft recensent Helmut Boettinger in die Zeit. Hij noemt de bundel een belangrijke wegwijzer binnen de Duitse poëzie, waarin de rol van de natuur nu langzaam wordt vervangen door de geschiedenis.

“Als een morfoloog observeert en sorteert hij dingen en woorden: inzicht berust op het plaatsen in constellaties.” Dat schrijft Arne De Winde in het zomernummer 2015 van de Poëziekrant over de 200 pagina’s tellende bundel Graphit (2014). Samen met vertaler Ton Naaijkens vertaalde hij in opdracht van het Goethe-Institut vier gedichten uit deze bundel in het Nederlands. De teksten dienden als uitgangspunt voor een tentoonstelling met artistiek werk en performances van studenten van de kunsthogescholen uit Gent, Antwerpen en Hasselt. In de essaybundel Putins Briefkasten schrijft Beyer wat in zijn ogen gedichten zijn: “Geen hypothesen van willekeurige wijsheden, die bij de eerste blik al onzin blijken te zijn, maar onderzoekingen naar verhoudingen, geen vage expressie van een vage, innerlijke gemoedstoestand, maar woorden die met de grootst mogelijke helderheid in een verhouding tot elkaar geplaatst worden. Ook hier gaat het om verwantschap, niet om verbroedering.”

Poetins brievenbus
De bundel Putins Briefkasten (2012) bestaat uit acht bijdragen, die Beyer in een tijdsperiode van 10 jaar in verschillende kranten en tijdschriften publiceerde. Het toegankelijke boek krijgt goede recensies. In het eerste hoofdstuk zoekt de auteur de brievenbus van Vladimir Poetin, die van 1985 tot 1990 als KGB-agent aan de Radeberger Straße in Dresden woonde. De schrijver strooit met grappige, biografische gebeurtenissen zoals het feit dat Poetin als nieuw lid van de hengelvereniging opviel vanwege zijn ondraaglijke, pedante optreden en dat hij stoïcijns vasthield aan zijn visie hoe je het aas op de juiste wijze aan de haak bevestigt. Het boek staat vol met interessante observaties tijdens Beyers tocht door diverse imaginaire en deels reële landschappen…..

Lees de rest van het artikel in de actuele uitgave van Kunsttijdschrift Vlaanderen. Dat nummer is te bestellen via onderstaande link.
http://www.kunsttijdschriftvlaanderen.be/nummers/358

Update 28-06-2016:
Vandaag maakte de Deutsche Akademie für Sprache und Dichtung bekend dat Marcel Beyer de Georg-Büchner-Preis 2016 heeft gewonnen. Aan deze prestigieuze Duitse literatuurprijs is een geldbedrag van € 50.000 verbonden. De prijs zal op 5 november in Darmstadt worden uitgereikt.

Duitse media over de prijs

Der Spiegel: Marcel Beyer bekommt den Georg-Büchner-Preis 2016

FAZ: Büchner-Preis für Marcel Beyer

Die Welt: Büchner-Preis geht an Marcel Beyer

Die Zeit: Marcel Beyer erhält Georg-Büchner-Preis

NDR cultuur recensent Alexander Solloch: Wer so einen fulminanten Roman wie “Flughunde” schreibt, darf mit diesem schönen, ehrwürdigen Preis rechnen.

Rainald Goetz en Johann Holtrop, roman over de afbraak van de maatschappij

gweb2Literatuurcritici noemen hem het enfant terrible van de Duitse literaire wereld, een geniale grensganger en bovenal een beroepsprovocateur. In zijn laatste boek Johann Holtrop (2012) volgt de Duitse schrijver Rainald Goetz (1954, München) de gelijknamige protagonist en topmanager bij zijn carrière naar de top en bij zijn onvermijdelijke ondergang. Twee jaar later verschijnt de Nederlandse vertaling van een bijzonder boek, geschreven door een merkwaardige auteur.

Gekkenwerk en bezetenheid
Rainald Goetz, zoon van een chirurg en een fotografe uit München, studeert theaterwetenschappen, medicijnen en geschiedenis. In de twee laatstgenoemde studies promoveert hij. Vanaf 1976 schrijft Goetz recensies van kinder- en jeugdboeken voor de Süddeutsche Zeitung en publiceert hij in diverse muzikale en literaire tijdschriften. In 1983 verschijnt de punkroman Irre, zijn succesvolle debuut over de pas afgestudeerde, ambitieuze psychiater Raspe – het alter ego van Goetz, vernoemd naar RAF-lid Jan-Carl Raspe – die door het dagelijks aanschouwen van het menselijk lijden in de psychiatrische inrichting uiteindelijk zelf patiënt wordt.
Vóór Irre is de jonge schrijver al een begrip bij de Duitse literatuurcritici. Die vroege bekendheid dankt hij aan zijn optreden tijdens de jaarlijkse prijsuitreiking van de Bachmannpreis in het Oostenrijkse Klagenfurt. Goetz las zijn verhaal ‘Subito’ voor. Bij een passage over bloed sneed hij voor de televisiecamera’s met een scheermes zijn voorhoofd open. “Op het moment dat Rainald Goetz zijn schedel opensneed en het bloed op zijn manuscript druppelde en druppelde, werd de schrijver Rainald Goetz geboren”, schrijft de Duitse literatuurrecensent Volker Weidemann in Lichtjahre, een toonaangevend naslagwerk over de Duitse literatuur van 1945 tot 2006.

“Op het moment dat Rainald Goetz zijn schedel opensneed en het bloed op zijn manuscript druppelde, werd de schrijver Rainald Goetz geboren”, schreef de Duitse literatuurrecensent Volker Weidemann in Lichtjahre, een tooonaangevend naslagwerk over de Duitse literatuur van 1945 tot 2006. Dat moment is hieronder vanaf minuut 2:40 te zien.

Eind jaren tachtig ontpopt Goetz zich als een auteur die op onnavolgbare en vaak tragikomische wijze over geweld en vernietiging schrijft. Dat voltrekt zich niet alleen in zijn proza, maar eveneens in zijn theaterstukken. Theaterregisseur Theu Boermans brengt in 1989 met theatergezelschap De Trust het eerste deel van Goetz’ theatertrilogie Oorlog (Krieg, 1986) op de planken. “Rainald Goetz, een soort kruising tussen de monomane Thomas Bernhard en de politieke Heiner Müller. Geen Aristoteliaanse toneelwetten dus, maar anarchisme en (schijnbare) chaos, onrust en herhaling, cynisme en wanhoop, gekkenwerk en bezetenheid”, luidt de recensie in het Leids Dagblad uit 1989.

gweb1Strijdlustig en prachtig hatelijk
Na zijn essaybundel Hirn (1986) publiceert Goetz in 1987 zijn tweede roman Kontrolliert. Dit boek verdeelt de Duitstalige lezers in twee kampen. Het ene kamp ziet hierin propaganda voor de RAF, het andere kamp beschouwt het werk als totaal niet-politiek, waarbij het niet om de RAF maar om de Duitse romantiek handelt. Zes jaar later schrijft Goetz de theatertrilogie Festung. In de jaren negentig houdt Goetz zich vooral bezig met de technoscene en het nachtleven in Berlijn. In Rave (1988) schrijft hij zoals altijd in de ik-vorm over de lange nachten, seks, drugs, feesten en dj’s. “Een authentiek maar overbodig stuk praktijkbeschrijving voor degenen die thuisbleven”, aldus weekblad Der Spiegel. Goetz wil er absoluut naar streven om het tijdsbeeld vast te leggen en hij start in 1998 met Abfall für alle, een internetdagboek. Het woord blog bestond toen nog niet. Goetz’ haarscherpe observaties verschijnen later in boekvorm onder de titel Abfall für alle: Roman eines Jahres (1999).
In Dekonspiratione (2002) schrijft Goetz onder meer over de oorlog in Kosovo en de aanslag op de Twin Towers. In 2007 en 2008 verschijnen in Klage, de blog van het magazine Vanity Fair, zijn tirades over onder andere bekende Duitsers. Wat al te vaak vergeten wordt, is dat Rainald Goetz goed kan fotograferen. In 2010 komt hij met deel vier van de cyclus Schlucht op de proppen. Dit fotoboek met de titel Elfter September 2010 bevat foto’s van de jaren 2000-2009 en behandelt ‘de kapotheid van de toenmalige tijd’. In dertig jaar tijd wint hij twee belangrijke prijzen voor zijn theaterteksten en een zestal belangrijke, literaire prijzen.
“Op 8 september 2012 verschijnt Johann Holtrop, de nieuwe roman van Rainald Goetz. En de schrijver zou u graag persoonlijk een eerste exemplaar van zijn nieuwe boek overhandigen.” Zo luidt het persbericht van uitgeverij Suhrkamp. Het is weer een actie die aandacht trekt. Zoals zo vaak filmt Goetz zijn boekpresentatie zelf en plaatst de video op www.johannholtrop.de. De reacties van de media lopen uiteen. De Zwitserse Neue Zürcher Zeitung vindt het boek “alles anders dan een serieus te nemen roman”. De Wiener Zeitung ziet het boek echter als een “nieuwe, uitstekende roman”. In Duitsland vindt Focus de roman “kermisplezier maar geen roman”. Het gerenommeerde Berlijnse dagblad taz noemt het boek daarentegen “humoristisch, ironisch, strijdlustig en prachtig hatelijk – zeer gelukt”.

Woede is energie
Johann Holtrop met als ondertitel De afbraak van de maatschappij is het derde deel van de cyclus Schlucht waarin onregelmatig werken verschijnen. Veel critici noemen dit boek Goetz’ eerste conventionele roman, waarin hij voor het eerst de ik-vorm loslaat. Het decor van de roman is een snelle zakenwereld in de eerste tien jaar van deze eeuw. De lezer maakt kennis met het oersaaie stadje Schönhausen, waar het hoofdkantoor van Holtrops firma Assperg is gehuisvest. Het adviesbureau Arrow PC, onderdeel van Assperg, bevindt zich in het schimmige stadje Krölpa in deelstaat Thüringen. Johann Holtrop haat dit soort provinciale stadjes.

De Nederlandse pers schrijft positief over het boek. “Hij is een rat, en deinst er niet voor terug iedereen die hem voor de voeten loopt te ontslaan”, schrijft Maria Vaar treffend in De Groene Amsterdammer. “Te oude of geïsoleerde collega’s zijn ‘sukkels’ die verdwijnen moeten, omdat hun oude en geïsoleerde koppen baas Holtrop niet aanstaan”, meent Bastiaan Kort in het Nederlandse dagblad NRC. Holtrop deinst inderdaad voor niets en niemand terug en vindt zichzelf geweldig. “Holtrop is ook een zodanige hystericus, een fantast, een charismatisch iemand. Hij gebruikt het charisma om mensen uit te buiten, om ze te vangen, om ze voor hem te winnen en daarmee maakt hij zijn eigen leven kapot. Dat is natuurlijk heel veel van mijn eigen problematiek”, aldus Goetz op de Frankfurter Buchmesse in 2012.

De parallellen met de reële topmanager Thomas Middelhoff van het Duitse mediaconglomeraat Bertelsmann zijn overduidelijk. Hij is in Duitsland vooral bekend als de man die warenhuisketen Karstadt en postorderbedrijf Quelle als speelbal voor investeerders en banken gebruikte. Dit ging ten koste van duizenden medewerkers. De bedrijven fuseerden in KarstadtQuelle, het bedrijf dat Middelhoff vervolgens de naam Arcandor gaf. Daarnaast leidde hij eerder het Duitse mediaconglomeraat Bertelsmann. Ook andere reële zakenmensen duiken met fictieve naam op. Voor de Duitsers zijn dit leuke extra weetjes, maar ze vormen geen onoverkomelijke hindernissen voor de Nederlandstalige lezers. Dat komt mede door de prima vertaling van Willy Hemelrijk. De ondergang van Thomas Middelhoff is overigens actueler dan ooit. Deze voormalige topman van het Duitse mediabedrijf Bertelsmann en van de distributiegroep Arcandor wordt verdacht van grootschalige belastingfraude en bedrog.

Gelukkig schuwt Goetz de humor niet. Deze komt vooral in absurde dialogen tot uiting en levert vaak hilarische scènes op. Opvallend is het grote aantal personages. In kort tijdsbestek lees je hoe ze denken, wat ze vinden om kort daarna te verdwijnen. Goetz gebruikt meer dan 120 personen om situaties haarscherp weer te geven, en dat kan hij als geen ander. Soms raak je als lezer verstrikt in een ellenlange zin, maar dat doet geen afbreuk aan het geheel. Hoe de personages over elkaar denken, dat staat in dit boek niet tussen de regels maar inktzwart op het papier gedrukt. Wordt een persoon geïntroduceerd, dan staat er bijvoorbeeld “daar komt die en die, weer zo’n rat.” Je merkt dat Goetz er plezier aan beleeft zijn personages er eens flink van langs te geven. Hij houdt ervan als mensen worden aangevallen. “Ik zou zelf graag aanvallen – het klinkt verschrikkelijk – maar dat vind ik goed. Ik vind ruzie een positief proces dat de openbaarheid bevordert”, aldus Goetz in een lang interview in weekblad Die Zeit, dat onder de titel Woede is energie als boekje in het Nederlands verkrijgbaar is. Hierin geeft de schrijver openhartig antwoorden op vragen die direct met de roman samenhangen.

Als je eenmaal het juiste leesritme gevonden hebt, is Johann Holtrop een ware belevenis, die je niet zo snel meer vergeet. De vaart neemt met de bladzijde toe. “Woedend ging ik voorwaarts”, staat er op de achterkant van het boek. Rainald Goetz: “Als je die zin uitspreekt, in dat ritme, deze 1-2-woedend ging ik voorwaarts, die vier woorden zijn de impuls van de hele roman, zo gaat het verhaal van Holtrop ook voorwaarts.”

1 augustus 2012: Rainald Goetz presenteert in het huis van uitgeverij Suhrkamp zijn roman Johann Holtrop.

Kunsttijdschrift Vlaanderen van juni 2015