Corona dagen: dilemma

Norsternhaus

Het Norsternhaus in Berlin-Schöneberg

Vandaag schrijf ik weer een stukje over een wandeling in de buurt, hoewel ik hier geen gewoonte van wil maken. Geen vooropgezette serie, want dat betekent dat ik mezelf moet dwingen de straat op te gaan én een stukje te schrijven. Komt er een stukje bovendrijven, prima. Komt er geen stukje, dan geen stukje.

Het was gisteren wederom een zonnige dag en wederom liepen mensen met een boogje om me heen of liepen gewoon rechtuit alsof de pandemie alweer jaren achter ons lag. Op deze zaterdag waren de straten en de parken duidelijk voller dan de dagen ervoor. Ik betrapte mezelf erop dat ik nauwlettend in de gaten hield of iedereen de afstandregels in acht nam. “Bij jezelf blijven”, sprak ik tegen mezelf, als ik zag dat een groepje mensen te dicht bij elkaar stond. Dat zeg ik dezer dagen vaker tegen mezelf, omdat ik het gevoel heb dat de dagen zijn gevuld met een onzichtbare spanning. De meeste mensen om me heen gedragen zich alsof er niks aan de hand is, maar ook zij weten dat dit niet meer dan een pose is.  Dat verwijt ik die mensen niet, want ik loop zelf net zo rond. Maar wie goed kijkt, weet dat er momenteel heel veel aan de hand is. De er-is-toch-niets-aan-de-hand-houding is gewoon een overlevingsmechanisme.

Lees verder

Corona dagen: boogje

Berlin-Schöneberg, 02.04.2020Tijdens de zonnige wandeling in de buurt bekroop me opeens het idee iets over deze bijzondere dagen, over deze corona days, op te schrijven. Of zal ik schrijven, aan het digitale papier toe te vertrouwen?  Bij de laatste versie zouden lezers wel eens kunnen afhaken, omdat het wel héél oubollig klinkt.

Op te schrijven dus. Daarmee bedoel ik niet dat ik noteer dat er velletjes papier op de ramen van de restaurants hangen waarop staat dat gerechten alleen nog afgehaald kunnen worden. Evenmin bedoel ik de mensen die in een lange rij – 1,5 meter afstand tussen iedere bezoeker – voor een ijssalon staan waar maximaal één persoon naar binnen mag. Wat ik dan wel bedoel? De mensen die ik tegenkom. Sommige mensen maken een boogje om te laten zien ‘kijk, ik hou afstand’. Andere mensen blijven al pratend midden op de stoep lopen alsof er niets aan de hand is om te laten zien ‘kijk, ik ben niet zo’n bange aansteller’. En ik? Ik stap opzij als iemand geen afstand neemt en blijf even staan om deze twee nieuwe mensengroepen van veilige afstand te bekijken.

Lees verder

In memoriam

Gisteren stierf Job Cieraad, een Berlijnse vriend die ik in 2014 voor het eerst op een verjaardagsbrunch in Charlottenburg leerde kennen. We raakten in gesprek en raakten bevriend.

Dokter Pulder zaait papavers. Dat was de film die ik op donderdag 21 november 2019 nog samen met hem in bioscoop Moviemento in Kreuzberg bekeek. Het was de eerste keer dat ik samen met hem een film zag en de laatste keer dat ik hem in levende lijve ontmoette.

In de jaren daarvoor liep ik lange tijd met zijn huissleutel op zak, zodat ik op zijn kat Knut kon passen als de voormalig Tros verslaggever en televisiemaker met de trein naar Nederland was vertrokken. Toch maakte ik van de deurbel gebruik als ik bij Job in Prenzlauer Berg op de koffie kwam en hij heerlijke stukken taart op tafel had gezet. Of we dronken samen een biertje en liepen naar Girosol, het Mexicaanse restaurant waar hij vaker kwam.

Job was een liefhebber van mijn korte verhalen. Hij stond ik erop dat ik mijn verhalenbundeltje voor hem zou signeren. Hij was ervan overtuigd dat het met het schrijven wel goed zou komen. Dat was ik ook, alleen kan Job hier geen deelgenoot meer van zijn. Waar je ook bent Job, het ga je goed!

Deze diashow vereist JavaScript.