Category Archives: Columns

De bovenbuurvrouw

Het is de zesde nacht op rij dat ik uit mijn slaap opschrik. Weer laat mijn buurvrouw iets op de grond vallen, verschuift ze iets en staat op. Ik heb haar een paar dagen geleden op de nachtelijke geluidsoverlast aangesproken. „Dan moet je maar niet in een stad gaan wonen”, zei ze. „Oude huizen zijn nu eenmaal gehorig, geluiden horen erbij.”

Ik knikte. „Maar ‘s nachts kun je ook rekening houden met de andere bewoners”, opperde ik vriendelijk. „Ik ga niet op mijn tenen door mijn woning lopen”, blafte ze me toe. „Ik leef en ik leef wanneer ik dat wil”, ging ze verder. Dat was duidelijke taal. Met deze vrouw was geen land te bezeilen.

Gele kaart

In het verleden hadden we al een keer een aanvaring en noemde ik haar in een door mij ondertekende brief asociaal. Dat moest ik bekopen met een officiële aanmaning van de verhuurder, die beweerde ik de huisvrede verstoorde en het ontoelaatbaar was medebewoners tot op het bot te beledigen. Zo eentje was zij dus, de buurvrouw. Ik heb de verhuurder netjes geantwoord dat ik niet de intentie heb mensen te beledigen en dat ik de dame in kwestie al meermaals persoonlijk op de geluidsoverlast had aangesproken. Nu had ik dus een soort gele kaart gekregen en bij rood vlieg je eruit.

De zevende nacht was het weer raak. Ik schrok wakker, omdat in de woning boven mij iets zwaars luid op de grond viel. Vervolgens hoorde ik haar weer ijsberen. Dat kun je in dit geval horen, omdat de dame in kwestie ook de omvang van een ijsbeer heeft.

Geoefende Kungfu

Ik sprong uit mijn bed, dacht niet meer aan de gele kaart en verliet vastberaden mijn woning, liep door het trappenhuis omhoog en beukte met beide vuisten op de voordeur van mijn bovenbuurvrouw. Ik realiseerde me niet dat ik op blote voeten stond en slechts een onderbroek en een t-shirt droeg. Buiten mezelf van woede trapte ik als een geoefende Kungfu meester tegen de deur. „He, wat moet dat, wat is hier aan de hand?”, hoorde ik andere huisbewoners roepen. Mijn buurvrouw opende de deur. Ik begon te schreeuwen en schold haar de huid vol. Ze viel in onmacht. Ik sprong op het logge lichaam en bleef springen totdat ik uitgeput naast haar op de grond belandde.

Dat was het advies dat ik kreeg van vrienden: maak er een verhaaltje van. Dat heb ik nu gedaan. Mijn vrienden vonden het wel aardig, maar er ontbrak een spannende ontknoping. Daar hadden ze gelijk in. Ik zou op het eind opnieuw wakker kunnen schrikken en suggereren dat het een nachtmerrie was. Of ik maak er een column van die ik afsluit met de woorden dat ik er een column van maak die ik met de woorden afsluit dat ik er een column van maak. En zo geschiedde.

Deze tekst staat ook op metronieuws.nl

Inaugurele rede Trump gelekt

Op Facebook circuleert de ruwe versie van de speech die de Amerikaanse president bij zijn inauguratie wilde houden. Niemand weet of de tekst bewust is gelekt of dat het om een grap gaat. Volgens Facebook is dat niet relevant en is in principe alles waar.

Alles wat telt, is geld. Met die zin gaat de speech van start. Ik citeer: “Oorlogen en andere problemen lossen we met een deal op, handjeklap, net als op de markt. Geen gezeik, iedereen rijk (‘no whining, just winning’), tenminste, als je niet buiten de boot valt. Dan heb je pech gehad. Had je maar niet werkloos moeten worden. En ziekte is geen excuus, het is een teken van zwakte en zwakke mensen worden nooit rijk. Die vallen buiten de boot.

Er vallen veel mensen buiten de boot. Dat hoort bij het leven. Wie niet werkt, krijgt geen geld. Dat is een natuurwet. Dan val je buiten de boot. Wie werkt, blijft in de boot en vaart met ons mee, met Elon, Mark en mij. Ik ben de kapitein, Elon en Mark bepalen de koers, ik sta aan het roer. Zo is het op een boot.

Het gaat om welvaart. Wie wil er nu geen welvaart? Ik ken mensen die willen windmolens neerzetten en geen welvaart. Ze vallen natuurlijk ook buiten de boot, net als de sukkels die denken dat ze de waarheid in pacht hebben en pleiten voor factchecken. Elon en Mark hebben wel andere dingen aan hun hoofd dan fatctchecken. Mensen die willen factchecken, ga je gang. Die mensen vallen wel buiten de boot.  Waarom? Ze denken niet aan geld, aan winst, aan optimaliseren, ze denken allen aan feiten die waar moeten zijn. Daarvan gaat de schoorsteen niet roken. Zo is het nu eenmaal.

Wie niet met ons meevaart, die verzuipt. Onze boot is de ark van Noach anno 2025. Wij maken de wereld weer groot en leefbaar voor mensen die mee willen varen. Geld regeert de wereld, dat is een natuurwet. Ik weet namelijk wat geld is. Ook Elon en Mark weten wat geld is. Laat ons maar gaan. Persvrijheid? Ik zeg altijd, de pers is ontworpen om biljetten te drukken en niet geschikt voor kranten of boeken. Wie heeft die nog nodig? We hebben onze digitale kanalen en daar staat alles op wat je wilt weten. En wij passen geen censuur toe. Laat het verspreiden van informatie maar aan Elon en Mark over. Dat zijn de beste informatieverspreiders van de wereld. We maken samen een wereld die niet eerder heeft bestaan. Stap in of verzuip. Het is aan jullie. Vae victis.”

Deze tekst verscheen ook op Joop (BNNVARA)

Het is alweer vrijdag

Morgen is het maandag, dacht ik en viel in slaap. De volgende ochtend liep in met die gedachte naar het kantoor en merkte aan de sfeer dat het geen maandag kon zijn. Er werd vrolijk gegroet, er werden flauwe grappen gemaakt en iedereen wist dat het weekend voor de deur stond.

Ik dacht dat het maandag was, zei ik. Mijn twee collega’s lachten. Dat heb je als je twee dagen ziek bent geweest en op vrijdag weer moet beginnen. Dat zou kunnen, zei ik en liep naar de keuken om een kop vrijdagkoffie te pakken. Op vrijdag smaakt de koffie anders dan op maandag. Op maandag snak je naar koffie, omdat er nog flink wat werkdagen in het verschiet liggen. De koffie is krachtig en hard nodig. Op vrijdag lijkt de koffie langzamer in de mok te stromen, met meer schwung, met het gevoel dat het de laatste werkdag van de week is.

Na het weekend overkwam me iets merkwaardigs. Ik fietste als altijd naar het kantoor, zette mijn fiets in het fietsenhok en liep het kantoor binnen. Mijn twee collega’s waren er al. Er werd weer vrolijk gegroet, er werden flauwe grappen gemaakt en ik snapte er niets van. Het lijkt wel vrijdag, zei ik. Het is vrijdag, zeiden ze. Ik keek op de kalender. De rode schuif stond op vrijdag. Ik lachte en twijfelde licht aan mezelf. Gisteren was het toch nog zondag, zei ik. Mijn collega’s lachten. Ja, natuurlijk, zondag en dan vrijdag, zeiden ze in koor. Ik haalde koffie en genoot van de voor mijn gevoel bijzonder korte werkweek. Ik wist echter zeker dat het gisteren zondag was.

Dat weekend legde ik op zondag voor het slapen gaan een papiertje op tafel met de tekst ‘deze tekst is op zondag geschreven, dus als je dit leest is het maandag’. Maandagochtend zoemde de wekker. Ik las tevreden het papiertje en fietste naar het kantoor.

Bij het zien van mijn collega’s verdween mijn maandaggevoel als sneeuw voor de zon. Wat was er aan de hand? De rode schuif stond op vrijdag. Ik lachte. Vertel me niet dat het alweer vrijdag is, zei ik. Mijn collega’s lachten nog harder dan ik. Ze wezen naar de deur. Ik schrok me rot. Daar kwam het koffiezetapparaat aan gelopen en riep met mechanische stem „de vrijdagkoffie staat klaar”.

Ik vroeg aan mijn collega’s of ze echt waren. Misschien was ik wel dood en leefde ik als geest in een wereld waarin het voor en na het weekend altijd vrijdag was, in een wereld met driedaagse weken. Wij zijn echt, zeiden mijn collega’s. We twijfelen echter of jij wel echt bent. Jij denkt steeds dat het maandag is, terwijl het altijd vrijdag is. Ik knikte en haalde mijn koffie. Dan is het gewoon zo, dacht ik. Dan is het alweer vrijdag.

Deze tekst staat ook op metronieuws.nl

« Oudere berichten Recent Entries »