Groeten uit gewoonte

to-say-goodbye-1466698-640x480Na een verblijf van een maand in een Beiers dorpje met nog geen 4.000 inwoners viel het me na terugkomst in Berlijn direct op. Ook in het Beierse dorpje viel het me al meteen de eerste dag op. Als gastinwoner, ik zou bij een kennis een maand de planten verzorgen en de post uit de brievenbus halen, wandelde ik richting de supermarkt. Op straat werd ik al meteen gegroet. Ik stak mijn hand op en herhaalde wat ik hoorde: ‘Grüß Gott’.

Bijna aan het einde van de straat zag ik een ouder heerschap. De man liep in mijn richting. Het zag ernaar uit dat we elkaar rakelings zouden passeren. Ik kon naar rechts kijken en doen alsof ik daar iets heel bijzonders zag. Ik kon ook snel mijn smartphone tevoorschijn halen en doen alsof ik telefoneerde.

De man kwam dichterbij en ik kon niet meer terug. Keek hij al in mijn richting? Dacht hij ‘hé, wie is dat dan, die heb ik hier nog niet eerder gezien?’ Nog een paar meter en dan zouden we heel even naast elkaar lopen. Ik kon geen zijstraat meer inslaan, hij ook niet. Ik keek recht voor me uit en in een fractie van een seconde keek ik de man aan. Hij keek ook even op.
‘Servus’, klonk het. Als een papegaai herhaalde ik wat ik hoorde.
‘Servus’.

Dat was in korte tijd de tweede groet. Ik woon al enkele jaren in Berlijn, maar ik kan me niet herinneren ooit een onbekende persoon gegroet te hebben. Je groet je vrienden als je op bezoek bent geweest en huiswaarts keert of je groet de caissière in de supermarkt waar je regelmatig boodschappen doet. Maar gewoon op straat, iemand groeten die langsloopt? In de supermarkt van het Beierse dorp groette men elkaar niet, althans, alleen als men elkaar al kende. Maar op de weg terug naar de tijdelijke woning lag er alweer een groet in het verschiet. Het was een ‘servus-groet’.

De  weken daarna ging er geen dag zonder groeten voorbij. Op een gegeven moment nam ik zelf het initiatief en riep luid ‘servus’ als ik iemand tegenkwam. Ik begon er plezier in te krijgen. Gisteren liep ik hier in Berlijn door het trappenhuis en groette de benedenbuurvrouw. Het was een groet uit gewoonte.

Eenmaal op straat kwam er een man op me af. Er liepen hier duidelijk meer mensen op de stoep dan in het Beierse dorpje. Het zag ernaar uit dat de man en ik elkaar rakelings zouden passeren. Ik kon naar rechts kijken en doen alsof ik daar iets heel bijzonders zag. Een andere mogelijkheid was snel mijn smartphone tevoorschijn halen en doen alsof ik telefoneerde. De man kwam dichterbij en ik kon niet meer terug. Keek hij al in mijn richting? Dacht hij ‘hé, wie is dat dan, die heb ik hier nog niet eerder gezien.’ Nog een paar meter. Ik kon geen zijstraat meer inslaan, hij ook niet. Ik keek recht voor me uit en in een fractie van een seconde keek ik de man aan. Hij keek ook even op. Hij groette niet, uit gewoonte. Ook ik groette niet, uit gewoonte.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s