Author Archives: AvG

Stof tot nadenken

Onlangs pakte ik op het Centraal Station in Berlijn een tijdschrift over filosofie uit de schappen van de boekwinkel. Het gesprek tussen schrijfster Juli Zeh en historica Ute Frevert over de afluisterschandalen trok mijn aandacht, net als de reportage over de Inca’s in Peru. Voor de cover-quote “Kunst is onmogelijk geworden” van Michael Haneke liep ik minder warm maar ik nam ‘m op de koop toe.

Het tijdschrift bleek door de interessante artikelen verrassend toegankelijk. Dat is niet vanzelfsprekend bij tijdschriften over filosofie. Later las ik op de website van het blad, dat iedere twee maanden met een oplage van 100.000 exemplaren verschijnt, iets over de doelgroep: Philosophie Magazin richt zich tot een breed, niet-academisch publiek en is aan geen levensbeschouwing, ideologie, religie, politieke richting of partij verbonden. Centrale begrippen bij de redactionele keuze zijn veelstemmigheid, relevantie en openheid.

Op pagina 43 las ik in een kort bericht allerlei toch wel schrikbarende getallen die in mijn ogen ook voor Nederland en België zouden kunnen gelden, althans, relatief. De uitgever gaf groen licht bij mijn vraag om die gegevens in het Nederlands op mijn blog te zetten. Ze staan hieronder.

Gegevens, die tot nadenken aanzetten
samengesteld door Katharina Schenk en Robert Werner Wollschlaeger

>> Het aantal gediagnosticeerde gevallen van ADHD steeg bij de onder 19-jarigen tussen 2006 en 2011 met 42 procent
>> Van 1999 tot 2009 steeg het aantal door ziekenfondsartsen voorgeschreven dagelijkse doses van het medicijn Methylfenidaat (Ritalin) van 8 miljoen naar 55 miljoen
>> Het aantal personen met een bijbaan verdubbelde van 2003 tot 2012
>>Circa 5 miljoen mensen in Duitsland beoefenen regelmatig yoga
>> In het jaar 2004 gaf 8 procent van de 19- tot 49-jarigen in Duitsland aan, dat ze vaak internet en televisie tegelijkertijd gebruiken. In 2012 is het al meer dan 30 procent
>> Van 2004 tot 2009 steeg het aantal tweede woningen met 30 procent
>> Circa 25 procent van de Duitsers leed in 2013 aan slaapstoornissen
>> 25,7 e-mails ontvangt de gemiddelde Duitser per dag

Bronnen: Gesellschaft für Konsumforschung (GfK), Statista

Bovenstaande tekst is een vertaling van het bericht “Daten, die zu denken geben”, dat in uitgave 02 (februari/maart) van het Duitse tijdschrift Philosophie Magazin verscheen.

Jarig

Van Holidaycheck kreeg ik vandaag precies om 00:01 uur de eerste felicitaties. Daarna volgde Netlog, een club waar ik blijkbaar nog sta ingeschreven. Voor iemand die er nooit komt kreeg ik een enthousiast onthaal: Netlog wenst je een gelukkige verjaardag! Geniet met volle teugen van deze fantastische dag. Je krijgt van ons een week gratis Netlog Super cadeau!

Daarna kwam BOL: Van harte gefeliciteerd met je verjaardag! We wensen je een fijne dag toe en een mooi en gezond nieuw levensjaar! En… wie jarig is krijgt natuurlijk een cadeau! Het cadeau was een kortingsbon van €2,50. En het hield niet op. Daar kwam Fonq.nl, wat een digitaal warenhuis blijkt te zijn en waar ik me dus ooit eens ingeschreven moet hebben: Van harte gefeliciteerd met je verjaardag! Dat mag gevierd worden! Daarom krijg je van fonq.nl een cadeaucode. Hiermee ontvang je direct €5,- korting op je bestelling!

En zo stroomt vandaag mijn mailbox vol met dit soort felicitaties. Eén en ander doet mij denken aan een column die ik ooit aan dit fenomeen wijdde. Vandaar deze herblog…

AvG's avatarBlog Allard van Gent

congNegen jaar geleden schreef ik deze column die destijds één dag na mijn verjaardag het daglicht zag. Ieder jaar denk ik er weer aan terug, vooral als de eerste felicitaties van de webshops mijn mailbox binnenstromen.

Als je wint, heb je vrienden. Rijen dik, echte vrienden. Het zijn de woorden uit het lied “Als je wint”, gezongen door de legendarische Herman Brood en Henny Vrienten. Gelijk hebben ze. Zojuist heb ik ontdekt dat je bovendien rijen dik echte vrienden hebt als je jarig bent. Ook al heb je vóór je verjaardag helemaal geen vrienden, ben je een einzelgänger en wil je familie al jaren niets meer met je te maken hebben. Dat maakt allemaal niet uit. De kans is namelijk groot dat je in de maand dat je jarig bent een bericht krijgt van iemand van wie je het helemaal niet verwacht. Van de bouwmarkt!

Je hebt je daar ooit…

View original post 242 woorden meer

Andreas Maier leest voor uit zijn nieuwe roman

Vanavond was ik aanwezig bij de lezing van de Duitse schrijver Andreas Maier in het Brechthaus in Berlijn-Mitte. Andreas Maier ken ik pas sinds een paar jaar, omdat hij een column schrijft in de literaire krant VOLLTEXT, waar ik een abonnement op heb en waarover ik een artikel heb geschreven dat in maart in Kunsttijdschrift Vlaanderen verschijnt.

Vanavond las de in 1967 in Hessen geboren schrijver voor uit zijn laatste roman „Die Strasse“. Dit boek gaat over zijn kinderjaren in Wetteraukreis, een Landkreis in de Duitse deelstaat Hessen.  Hiervóór schreef hij in “Das Zimmer” en “Das Haus” ook al over de eerste levensjaren van het hoofdpersonage Andreas. De auteur bevestigde vanavond dat hij een cyclus van elf boeken voor ogen heeft over zijn kinderenjaren in dat gebied. Het volgende boek heet “Der Ort” (de plaats/stad/dorp), het voorlaatste boek “Der Teufel” (de duivel) en het laatste boek “Mein lieber Gott” (mijn lieve God).

Al aan het begin van de avond neemt de presentator en tevens literatuurrecencent bij Tagesspiegel Gerrit Bartels het woord kindermisbruik in de mond. Immers, in het boek “Die Strasse” lezen we dat de 9-jarige Andreas vaak lang met zijn moeder in bed ligt en haar rug en armen streelt. Maier vond kindermisbruik een woord van de moderne tijd, daar kon hij niets mee. Ik heb het boek gelezen en las tussen de regels veel kindermisbruik, ook al kan de auteur niets met het woord. In mijn ogen is kindermisbruik niet alleen gebonden aan seksuele handelingen. De oom of opa die nog kusjes opeist of de bijna volwassen dochter die nog op schoot moet komen zitten, het zijn gebeurtenissen die tegen kindermisbruik aanschuren.

“Hoe reageerde de familie op het boek”, vroeg Bartels opeens. Maier pareerde direct met een tegenantwoord: “Dat weet je toch?” Oké, die zat. De recensent kon er om lachen, net als de circa 40 aanwezigen. Toch ging Maier op de vraag in en liet weten dat hij geen contact meer heeft met zijn familie. Dat maakte het voor hem ook wat gemakkelijker om erover te schrijven, lichtte hij toe. Met zijn moeder had hij vooral problemen, omdat zij per se schrijfster wilde worden en niet verwachtte dat Andreas schrijver werd. “Maar ze schrijft nu dus ook”, legde Maier vanavond uit. “Ze geeft haar eigen boeken uit.”

De hoofdmoot van de avond bestond uit het voorlezen uit “Die Strasse”. Een boek wat vlot leest en dat met mooie voorbeelden illustreert hoe kinderen in het Duitsland van de jaren ’80 opgroeien en omgaan met seksualiteit. Andreas wist pas op zijn zesde dat hij een jongetje was en dat een jongetje anders is dan een meisje. Hij beschrijft het zelf wat fraaier maar hij geeft hiermee aan dat hij zich als kind lange tijd niet realiseerde dat jongens en meisjes van elkaar verschillen. Vanavond lichtte hij toe dat hij zijn drie jaar oudere zusje daarvoor wel naakt gezien moet hebben als ze bijvoorbeeld in bad zaten maar dat het verschil niet echt tot hem doordrong. Totdat een vriendje hem vertelde dat een jongen die zich uitkleedt er anders uitziet dan een meisje dat zich uitkleedt. Maier schrijft vanuit het perspectief van de kleine Andreas, die het leven om hem heen vol verbazing en met de nodige afstand gadeslaat. Ik citeer even een stukje uit de recensie van Frankfurter Allgemeine Zeitung:

“Maier klaagt nooit, hij oordeelt nauwelijks. Met een verhalend plezier en weinig schaamte kruipt hij onder die Duitse stoffige deken (van de bekrompen burgerman) en beschrijft gewoon heel duidelijk, zeer onverbloemd, zeer grappig, hoe voor de jongen alles permanent raadselachtig is. Als “geheimdragers” gebruiken de drie jaar oudere zus en haar vriendinnen hem bij het doktertje spelen. Het kleine broertje moet “dat andere” laten zien, terwijl hij zelf nog zorgeloos met het buurmeisje speelt, zonder “van dat andere” überhaupt iets af te weten. Dan zijn ze voor hem opeens ook herkenbaar te onderscheiden, “de twee geslachten”, en hij scandeert voor de eerste keer monter en luid het woord “neuken”(“ficken”) tijdens het fietsen, diep in gedachten zichzelf vergetend en gelukkig over het nieuwe verklaarbare woord. Voor de beschaamde lezers zal bij Maiers onverbloemde vocabulaire vermoedelijk een grens zijn bereikt.”

Maiers columns in VOLLTEXT behoren tot mijn favoriete teksten. “Die Strasse” heb ik met plezier gelezen. Vanmiddag heb ik de eerste twee boeken uit de cyclus uit de bibliotheek gehaald, omdat Andreas Maier voor mij een nieuwe ontdekking is. Of zijn cyclus ook echt elf delen zullen beslaan, dat ligt niet honderd procent vast. Vanavond vertelde hij dat het idee spontaan ontstond en hij binnen enkele minuten de elf titels op papier had. Hij is zeker van plan om de elf delen ook te schrijven, maar gaf wel aan dat hij het zichzelf niet gemakkelijk heeft gemaakt. Ik blijf hem volgen en bericht een volgende keer graag weer eens over hem op dit blog.

Andreas Maier op Wikipedia

Schrijversagina bij uitgeverij Suhrkamp

« Oudere berichten Recent Entries »