Category Archives: Columns

Waanzin

Op deze zonnige zondag loop ik door het park en zie dat in de voetbalkooi tien jongens fanatiek achter een bal aanrennen. Ze schreeuwen en hebben duidelijk plezier. Het is lang geleden dat ik hier langsliep én de kooi in gebruik was.

De laatste keer dacht ik nog, ik ben blij dat die kooi ervoor zorgt dat ik niet ongewild met een kopbal aan hun spel deelneem. Nu loop ik langs de kooi en denk, zouden ze allemaal een sneltest hebben gedaan voordat ze de kooi in stapten? Natuurlijk gaat het mij niets aan of ze allemaal een test hebben gedaan en dus loop ik verder.

Twee vrouwen met mondkapje
Ik zie dat twee vrouwen, volgens mij moeder en dochter, een mondkapje dragen en al wandelend met elkaar praten. Zelf loop ik zonder mondkapje, want ik zie geen aanleiding om het kapje nu op te zetten. Iedereen houdt afstand en ik loop in de frisse lucht. Ik heb altijd wel een kapje bij me, voor het geval zich een situatie voordoet waarbij je er gebruik van moet maken.
Ik zie nog meer parkbezoekers die een mondkapje dragen. Op de sociale media zouden bij het zien van dit beeld de tweets en Facebook reacties door het plafond gaan met teksten als „wat een onzin”, „hoezo buiten een kapje dragen”, „overdrijven is ook een vak”, „wat een bangeriken”, „gemanipuleerd door de media en de politiek”, „niet meer normaal!”, en zo kan ik nog wel even doorgaan.

(Digitale) werkelijkheid
Maar de digitale werkelijkheid staat gelukkig los van de werkelijkheid in het park. De mensen met een mondkapje hebben geen last van mensen die roepen dat hun gedrag onzin is, dat ze overdrijven of dat het bangeriken zijn die door de media en de politiek zijn beïnvloed. Deze mensen lopen om wat voor reden dan ook gewoon met een mondlapje op en dat is prima zo. Waarom zou ik me daar over opwinden? Waar ik me veel meer over opwind, is het feit dat ik op een zonnige dag door het park loop en zonder op mijn telefoon te kijken toch allerlei boze tweets langs zie komen. Ik heb die teksten zelf verzonnen op het moment dat ik mensen met een mondkapje zag lopen. Dat lijkt me nou iets om me ernstig zorgen over te maken. Ik ga morgen maar eens naar de dokter.

Ook te lezen op Metronieuws.nl

Corona dagen: ongeduld

Go, go, go! Bij de laatste meters van de marathon staan de mensen op de banken en moedigen de lopers aan. Dat beeld doemde vanochtend op tijdens een korte wandeling door de buurt. Bij de bakkers stonden de mensen op de stoep. Waar de afstand tussen de klanten vorige week nog minimaal anderhalve meter bedroeg, schatte ik nu dat het maximaal anderhalve meter was. De gezichten waren bedrukter. Hoe lang nog?

Er lijkt een vermoeidheid op te treden. Mensen hebben dagenlang hun stinkende best gedaan, maar vinden het nu welletjes. Hou vol, wil ik de mensen zeggen die op deze zonnige zaterdagochtend op hun verse broodjes wachten. Denk aan de marathon, aan de Tour de France, aan de Vierdaagse, denk aan die laatste meters. Nog negen dagen, kom op!

Maar op mijn gedachten wordt cynisch lachend gereageerd door een gezin met kinderen. Papa en de buurman slaan elkaar op de schouder, mama lacht ondeugend en de kinderen giechelen. “C’est la vie” hoor ik de dikke pappa zeggen voordat hij een sigaret opsteekt. Eén van de kinderen loopt op een oudere voorbijganger af en tikt hem op zijn jas. Snel rent het meisje terug naar papa en mama, die het tafereel lachend gadeslaan. De kinderen hebben een nieuwe vorm van tikkertje ontdekt. Mensen stiekem aanraken en dan wegrennen. Een soort belletje trekken, maar dan minder onschuldig.

Eerder schreef ik al dat deze dagen een mooie test zijn om zoveel mogelijk in het hier en nu te leven, zonder té veel aan de toekomst te denken. Het tovermiddel is vertrouwen, vertrouwen in wat komen gaat. Grote plannen maken heeft dezer dagen geen zin. Niemand weet hoe de wereld er morgen uitziet. Of overmorgen. Dat is altijd zo geweest, maar nu bestaat de mogelijkheid daar eens bewust mee om te gaan. Het leven is noch een marathon, noch een Vierdaagse. Er is geen concreet doel, laat staan een finish. Het leven is altijd in beweging.

Ook te lezen op Metronieuws.nl

Laatste lezerscolumn

Pers_logoOp 30 maart 2012 verscheen het laatste exemplaar van het gratis dagblad De Pers. De krant dreigde een krant te worden die ertoe doet. Kranten die ertoe doen zijn echter geen lang leven beschoren, het bewijs leverde de krant zelf. Na het laatste exemplaar kwam er noch een herstart, noch een beter of soortgelijk blad. Vandaag struikelde vandaag ik toevallig over mijn laatste lezerscolumn, die op 26 maart 2012 onder de titel ‘Lezerscolumn’ verscheen. Hieronder de tekst.

Op maandag 3 november 2009 verscheen voor de eerste keer mijn lezerscolumn in De Pers. Dat gaf meer dan alleen voldoening. Ik verkeerde in een mega feeststemming, want opeens lazen misschien wel duizenden mensen mijn stukje. Op 19 november 2009 verscheen er wederom een. Eerlijk gezegd werd me dat allemaal iets te veel. Na publicatie van deze tweede lezerscolumn vroeg mijn buurvrouw waarom ik opeens naast mijn schoenen liep. Ze vond het maar een raar gezicht.

Normaal liep ik altijd met mijn voeten in mijn schoenen, zoals de meeste andere mensen doen. Ik vertelde haar dat er een stukje van mij in De Pers was verschenen. Wat dat is, De Pers, wilde ze weten. Opeens pasten mijn schoenen weer.

Een aantal maanden later liep ik er weer naast, mede door toedoen van Nico Dijkshoorn en Kustaw Bessems, die behalve in De Pers ook geregeld op tv verschenen. Het werden BN’ers. Het werd mij opnieuw te veel op het moment dat mijn lezerscolumn verscheen in de krant van deze bekende Nederlanders. De buurvrouw vroeg weer waarom ik naast mijn schoenen liep. Ik vroeg haar of ze Nico Dijkshoorn kende, en Kustaw Bessems. Moet ik die kennen, antwoordde ze. Ze was duidelijk niet op de hoogte van de jongste ontwikkelingen in medialand. Ik wilde de foto’s van beide heren nog uitprinten maar dat ging me toch echt iets te ver. De lezerscolumn volgde ik die dagen op de voet. Alle lezerscolumnisten schreven leuke en originele stukken. Op alle vlakken steeg de kwaliteit van De Pers. De krant was duidelijk op weg een bijzondere positie als gratis kwaliteitskrant in te nemen. Mede daarom is het buitengewoon triest om te lezen dat De Pers letterlijk en figuurlijk stopt. Nu, nu het er helemaal niet meer toe doet, spreekt de buurvrouw mij aan. Ze heeft een papiertje in haar hand. ‘Ik heb uh… Wacht even, ik heb het opgeschreven, uh… Ben Rogmans op televisie gezien. Hij was bij Clairy Polak. Het ging over De Pers. Ik dacht nog, is dat niet de krant waar jij het altijd over hebt? Goed joh!’

(Deze tekst verscheen eerder in dagblad De Pers)

« Oudere berichten Recent Entries »