Author Archives: AvG

Kleingeld

Vaak genoeg was ik degene die bijna ontplofte. Vandaag was het aan mij om eens iemand anders te laten ontploffen. Begrijp me niet verkeerd, er was geen opzet in het spel. Of, als je het leven een spel noemt, dan was het hoogstens toeval, dat een rol speelde, hier, op U-Bahn-station in Berlijn-Kreuzberg. Toeval of niet, ik had mijn jaszakken vol gestopt met het al het muntgeld dat ik in mijn woning kon vinden. Op zoek naar iets heel anders, ik ben vergeten wat, ontdekte ik her en der munten in mijn woning. In dit land krijg je iedere eurocent terug en worden prijzen niet afgerond zoals in Nederland. Ik kende deze situatie nog van vroeger, toen de Nederlandse cent een betaalmiddel was en je in de winkels ook iedere cent afrekende. Veel huishoudens kampten destijds met het overschot aan kleingeld. In Duitsland is dat probleem nooit weggeweest. Het overschot aan Duitse centen was veranderd in een overschot aan eurocenten. De afgelopen maanden had ik de munten overal “even” neergelegd, in de fruitschaal, op de schrijftafel, onder het aanrecht, in een pennenbakje, in de wasmachine, in broekzakken en ook in de badkamer lagen talloze munten. Ik vulde de verzameling aan met het muntgeld uit mijn portemonnee en dat leverde een bedrag op, waarmee ik drie enkeltjes voor de U-Bahn kon kopen. Altijd handig om op zak te hebben, als je om wat voor reden dan ook heel snel in de U-Bahn moet springen en geen tijd hebt om een kaartje te kopen. De display van de automaat gaf het ook door mij thuis al uitgerekende bedrag aan, dat ik moest betalen voor 3 kaartjes. Bij € 7,20 begon ik met het inwerpen van de 10 cent munten. Naast mij stond een dame met zwart haar, een donsjack en een piercing in haar wenkbrauwen. Ze trappelde net niet op de grond maar voor de rest wekte ze de indruk haast te hebben. De display gaf € 5,90 aan op het moment dat ik een nieuwe lading munten uit mijn broekzak haalde. De dame keek om zich heen en begon nu toch echt te trappelen. Ik had geen zin om vanwege haar mijn transactie af te breken.

“Aan de andere kant staat ook een automaat”, vertelde ik. Het was geen leugen om van haar af te komen, ik wist dat er een automaat stond.
“Ik moet met een bankpasje betalen en dat kan alleen hier “, zei ze noch vriendelijk, noch onvriendelijk. Waarschijnlijk wist ze net als ik geen raad met de situatie. Haar metro kon elk moment uit de donkere schacht opdoemen en ik was pas bij € 3,80.
“Nog even geduld”, hoorde ik mezelf zeggen. Gek, ik had eigenlijk geen woorden voor handen en dan toch blijken er nog een paar in voorraad te zijn. Ze begon nu een beetje boos te kijken. Ik trok me er niets van aan en haalde de laatste munten uit mijn jaszak.
“Nog vijf munten”, zei ik, maar de vrouw was weg. Oh nee, daar was ze weer. Ze trappelde niet meer maar liep nu nerveus heen en weer, als een muis in een val. Hier was echter geen val te bekennen en bovendien was ze geen muis. Ze was op het verkeerde moment op de juiste plaats, dacht ik en riep ”klaar”!  Nu stond ze opeens naast me. Beiden keken we gespannen naar de plastic klep, waarachter nu een lichtje flikkerde. De machine maakte vreemde geluiden. Het kostte het apparaat duidelijk moeite om uit te rekenen hoeveel geld ik er nu ingeworpen had. Je hoorde hem rekenen.
“Dat is één”, zei ik, drukte het plastic klepje omhoog en pakte het kaartje.
“Nog twee”, riep ik en zag dat op dat moment twee metrotreinen het stationnetje binnenreden.
“Nee, nee, neeeeee!!!”, schreeuwde de vrouw met de zwarte haren en de piercing. Ze stampte woedend op de grond, sprong omhoog, viel naar beneden en sprong weer omhoog.

“Ik ben klaar”, zei ik en pakte de laatste twee kaartjes uit de automaat.
De vrouw was niet meer aanspreekbaar, ze was ontploft. Er was niets meer van haar over. Ik was de enige persoon op het uitgestorven perron. De metro’s waren alweer op weg naar de volgende bestemming. Vandaag was het gelukkig een keertje iemand anders die ontplofte en niet ik, dacht ik opgelucht en liep tevreden met mijn drie metrokaartjes naar huis.

Leedvermaak

Na twee avonden televisie kijken, is het me opgevallen dat leedvermaak een vaak terugkerend thema is in veel televisie-uitzendingen. Ik zag mensen met torenhoge schulden, die advies kregen van een RTL-adviseur. Vlak voor het reclameblok blijkt het echtpaar nog veel meer problemen te hebben. In een preview zien we de man woedend de huiskamer uitlopen. Hij struikelt nog bijna over de lege bierblikjes op het vlekkerige tapijjt. Zijn vrouw barst in huilen uit en wij, de toeschouwers, kunnen even een kopje koffie inschenken, het gaat zo verder.

En zo zijn er legio voorbeelden te noemen. Probleemsituaties worden nagespeeld, mensen in problemen worden in hun dagelijkse leven gefilmd of mensen vertellen in een talkshow over hun partner met kanker, de schulden,  de uitzichtloze situatie of de zelfmoordpogingen. Het is leedvermaak pur sang. Het is de kijker die geniet maar niet kan ingrijpen, omdat de problemen zich op een beeldscherm afspelen. Beeldscherm en realiteit gaan op elkaar lijken als op straat een vrouw met een boodschappentas wordt overvallen en de voorbijgangers de situatie aangapen, nog net geen stoeltje neerzetten om er in alle rust van te genieten en er een koffie-to-go bij te drinken.

De massale interesse in het leedvermaak maakt één ding duidelijker dan ooit: het lijden is groter dan we willen waar hebben. Leed bij anderen kun je alleen herkennen als jezelf lijdt. Als je zelf geen leed zou hebben, hoe kun je het dan herkennen? Of beter gezegd, hoe kun je er dan zo van genieten? Het zijn trieste beelden die de kijker ieder avond krijgt voorgeschoteld. Eigenlijk is het nog triester om te zien dat honderdduizenden mensen dagelijks hun eigen pijn wegkijken bij dergelijke uitzendingen. Ik heb de televisie opgeborgen. Mijn kamer ziet er weer een stuk gezelliger uit.

Berlijn is arm maar sexy

Berlijn is arm maar sexy. Dat zijn de legendarische woorden van Klaus Wowereit, burgemeester van Berlijn. Het klinkt alsof het de woorden zijn van een oude, grijze burgemeester, die ze een paar honderd jaar geleden uitsprak. De heer Wowereit is echter springlevend en de huidige burgemeester van de Duitse hoofdstad. Zijn legendarische woorden zie je vaak terug in artikelen en in columns, zoals hier. Het zijn handige woorden om als columnist of stukjesschrijver op voort te borduren.

De stad is nog steeds arm. Wel zie je een enorme toeloop van mensen die niet arm zijn en die in de stad relatief voordelig een grote woonruimte kopen of huren. Bij sommige arme mensen in Berlijn leidt dit tot nijd. Ze vinden dat mensen met veel geld niet in Berlijn mogen wonen, want anders kloppen de legendarische woorden niet meer. De rijke mensen die naar Berlijn zijn getogen zochten juist hun heil in het sexy karakter van de stad. Het probleem is dat Berlijn hierdoor minder arm dreigt te worden en daardoor het sexy karakter verliest. Hier zijn arm en sexy net zo van elkaar afhankelijk als dader en slachtoffer. De één kan niet zonder de ander. De nieuwe, rijke Berlijners bewegen zich dan ook zo onopvallend mogelijk door de stad, het liefst met lange haren en versleten kleding. Jaren geleden zag een creatieve Berlijner dit fenomeen al opkomen en waarschuwde de kledingindustrie. De modedesigners zijn hem tot op de dag van vandaag nog dankbaar voor zijn ideeën om kwalitatief goede kleding in een versleten toestand op de markt te brengen. Gedistingeerde merken maken ook nu nog reclame met hun used-look, totaal versleten, uitgebleekte en gekreukelde modellen jeans. Hoe kapotter, hoe beter.

Is er dan nog wel iets sexy-achtigs te beleven in de stad? Jazeker. Gisteren ontving ik per e-mail een uitnodiging voor de HIT and RUN CINEMA, waarbij het motto is dat je onbekende films op onbekende locaties gaat bekijken. Nu moet ik oppassen, want op de uitnodiging stond nadrukkelijk vermeld de tekst niet in Facebook of soortgelijke plekken te posten. Daarom schrijf ik niets over de locatie, maar alleen over het initiatief. Aanstaande vrijdag begint het. De gasten moeten om 21:00 uur bij een S-Bahnstation zijn (de naam wordt vermeld). Vanaf dit station zijn er tot 21:30 uur pijlen uitgezet die de weg wijzen naar de tijdelijke bioscoop. Om 21:30 uur worden de pijlen weer weggehaald. Volgens de uitnodiging is de locatie een voormalige opvangplek voor daklozen. Een verwilderd stuk grond van 12.000 vierkante meter, bebouwd met resten van historische gebouwen. In de voormalige slaapzalen groeien vandaag de dag bomen, aldus de beschrijving. De film wordt in de originele taal vertoond. Dus nooit die Duitse nasynchronisatie.

Dat vind ik wel weer typisch Berlijn, zo’n initiatief. Het herinnert me aan mijn bezoek aan de nacht van de poëzie in Utrecht in de stadsschouwburg. Daar beleefde ik het tegenovergestelde. Ik had het evenement ooit een keer in Vredenburg meegemaakt. Je liep met je biertje door de gangen, de zaal in, de zaal uit, naar boven, naar beneden en alles stond in het teken van de poëzie. Het was een avontuurlijke nacht. In de stadsschouwburg was het even slikken op het moment dat iemand van de organisatie mij vertelde dat het verboden was om een flesje bier in de zaal te nuttigen. Hetzelfde gold voor een glas wijn, cola of wat voor drankje dan ook. Op dat moment ben ik naar buiten gelopen, heb thuis mijn spullen bij elkaar gepakt en verhuisde nog dezelfde nacht naar Berlijn. Dat was mijn nacht van de poëzie.

« Oudere berichten Recent Entries »