Author Archives: AvG

Naar de kapper

shutterstock_46481776Het uitzicht dat een piloot heeft als hij een landingsbaan nadert. Dat moet u zich voorstellen bij mijn huidige haardos.  De ene keer zijn de zijstroken kort gemaaid, de andere keer lijken het eerder wilde struiken. Vandaag begonnen mijn bovenbermen al aardig op wilde struiken te lijken. Op zo’n moment doemt in de ruimte onder de bermen de vraag op: gaan we naar de kapper of niet? Waarom deze vraag in het meervoud wordt gesteld, is mij tot op de dag van vandaag een raadsel.  Ik ga immers altijd alleen naar de kapper. Een duidelijk antwoord op de vraag had ik niet. Natuurlijk, de banen kunnen wel weer eens gekortwiekt worden. Aan de andere kant waren ze nog niet zo wild gegroeid dat er zo nodig een schaar doorheen moest. De vraag speelde al enkele dagen door mijn hoofd. Ik besloot om het antwoord aan het toeval over te laten. Ik wilde vandaag sowieso Berlijn, mijn nieuwe stad, verkennen. Kwam er een kapper op mijn weg, dan zou ik naar binnen gaan, mits er geen andere klanten wachten. Een andere voorwaarde; geen moderne trendy kapper waarbij je je eerder in een ruimteschip waant dan in een kapsalon. Bermen maaien is iets dat snel en onopvallend moet gebeuren. Dus liep ik onder de heerlijke herfstzon langs bakkers, dierenspeciaalzaken, snackbars,  witgoedwinkels, kledingboetiekjes en schoenenzaken. Een kappersbezoek was niet in zicht. Aan de overkant van de straat zag ik een kapsalon. Het knipperende neon reclamebord verraadde echter dat het hier om een spaceship-achtige gelegenheid ging.  Op weg naar huis gebeurde het. Ik lette niet op en stootte pardoes tegen een bak met aanbiedingen, die de winkelier midden op de stoep had gezet. De vriendelijke verkoper kwam naar buiten gesneld en hielp me met het opruimen van de vele petten. ‘Zou u goed passen’,  zei hij en zette een donkerblauwe pet op mijn hoofd. “Rood staat u ook goed’’. Tien minuten later zat ik met een blauwe  pet op m’n hoofd en tien bontgekleurde andere petten in m’n tas in de tram naar huis. Mijn bezoek aan de kapper heb ik voor onbepaalde tijd uitgesteld.

(Deze tekst verscheen eerder in dagblad De Pers)

Nummerplaten

straat

“Hé man, plaat kopen? Met verzekering, goede prijs.” Wie wel eens in de Berlijnse wijk Kreuzberg is geweest om zijn auto in Berlijn te laten registreren, weet waar ik het over heb. Tegenover de Duitse RDW in de Jüterboger Straße stikt het van de kraampjes waar je nummerborden kunt kopen (foto). Op weg naar het gebouw word je al aangesproken. “He, nummerplaat nodig? Goede prijs man.” Het tafereel doet me sterk denken aan de mannetjes die in Amsterdam hasj aan toeristen proberen te verkopen of aan de Spaanse badplaatsen, waar soortgelijke mannetjes toeristen overhalen om in hun restaurant te eten.

Na lang wachten en het invullen van veel formulieren besluit ik om gewoon op mijn gemak in een ander stadsdeel mijn nummerplaten te kopen. Maar zo werkt dat niet. Je krijgt een speciaal formulier in je hand gedrukt waarmee je de nummerplaten kunt kopen. “Als u ze heeft gekocht, dan komt u hier weer naartoe en plakken wij er een officiële sticker op”, legt de dienstdoende ambtenaar van de Duitse RDW uit. Tja, dan is het wel zo handig om de platen ergens aan de overkant aan te schaffen.

Ik sta op de eerste verdieping van het enorme gebouw en kijk naar buiten. Het is een handel van jewelste. Achter me loopt steeds een mannetje heen en weer met een tas waarop “Schilder Jahn” staat geschreven. Eerst dacht ik “dat zou in Nederland Jan de schilder zijn.” Nu pas realiseer ik me dat deze Duitse Jan dag in dag uit met nummerplaten (Schilder=platen) in de weer is. Hij doet dat voor mensen die niet zoals ik zelf alles regelen. Waar zal ik nu mijn nummerplaten kopen? Het aanbod is enorm.

In één winkel, nou ja, eerder een keet, staat een bijzonder verleidelijke verkoopster voor de deur. Verdacht! Daarnaast pocht er eentje met grote, bekende verzekeringsnamen. Nog verdachter. Op straat krioelt het van de handelaren. Ik haal diep adem en loop zonder na te denken de brede trap af, open de zware houten deur en loop instinctief heel snel naar links. Met het stapeltje documenten onder mijn arm zie ik eruit als een bijzonder gewilde prooi.

“He, platen! Hier man, goedkoop!’ Ik stop en loop heel snel naar rechts. Sommige handelaren volgen me, lopen bijna tegen me op. Ik begin snel te zigzaggen en blijf dan opeens midden op straat staan. Ik sluit mijn ogen en maak een aantal Tai-Chi bewegingen. Om mij heen is het ineens muisstil. Dan slaak ik nog een soort van Johnny van Doorn oerkreet en wandel vervolgens op mijn gemak een willekeurig kantoortje binnen om mijn nummerplaten te kopen. Het leven om me heen komt langzaam weer op gang, alsof er niets is gebeurd.

De Zalando man

Of ik ook uit de kleren ga, vroeg een kennis mij. Ik hoor dat wel vaker als ik zeg dat ik in het magazijn van kleding- en schoenengigant Zalando in Großbeeren (bij Berlijn) werk. Vanuit dit plaatsje stuur ik honderden pakketten met schoenen, ondergoed, jassen en tal van andere kledingstukken naar Engeland, Frankrijk, Italië, Zwitserland, België en Nederland. Hierdoor kom ik dagelijks in contact met Nederlandse families uit Appelscha, Apeldoorn, Utrecht, Velp, etc. etc.

Als inpakker aan de lopende band voorzie ik ieder pakketje van het aantal artikelen én mijn naam. Alle door mij ingepakte dozen dragen daarom mijn initialen AVG.

Ik zou voor de grap een Nederlands geschreven briefje mee kunnen sturen. Zoiets als ‘Veel plezier met uw aankoop wenst u de Nederlandse medewerker aan de lopende band bij Zalando’. Ik kan ook op de binnenkant van iedere doos ‘Op koers’ schrijven. Dat is de titel van mijn zojuist verschenen debuut met korte verhalen, dat dringend publiciteit nodig heeft. Immers, een beetje schrijver doet vandaag de dag op grote schaal aan marketing, dus waarom ik niet? Als die actie lukt en honderdduizenden mensen het boekje kopen, hoef ik geen dozen meer in te pakken.

Het zijn gedachten die opdoemen tijdens het eentonige werk. Zo’n gedachte wordt zo nu en dan abrupt verstoord door een Duitse stem die ‘AVG!!!’ brult. Op dat moment weet ik dat het foute boel is. Als je initialen zó luid door de fabriekshal galmen, dan wacht je een flinke uitbrander van de inpakchef. Dat staat buiten kijf. Waarom? De scanner aan het einde van de band geeft aan dat het aantal artikelen niet correspondeert met het aantal dat je hebt opgeschreven of de controleur ziet dat je helemaal geen aantal hebt genoteerd. ‘Wat is dit??!!!’, schreeuwt de inpakchef nu. Hij houdt de geopende Zalando doos pal voor mijn gezicht. ‘Koop Op koers!!’ lees ik in koeienletters op de binnenkant. Ik schreeuw, net als de Zalando man in de reclame, en word badend in het zweet wakker.

(Deze tekst verscheen eerder in dagblad De Pers)

« Oudere berichten Recent Entries »