Category Archives: Cultuur

De vrouwen van Huis Hohenzollern

Anna van Pruisen (Koningsbergen, 3 juli 1576 - Berlijn, 30 augustus 1625) was de oudste dochter van Albrecht Frederik van Pruisen en van Maria Eleonora van Gulik-Kleef. Foto: Jörg P. Anders /© SPSG

Anna van Pruisen (Koningsbergen, 3 juli 1576 – Berlijn, 30 augustus 1625) was de oudste dochter van Albrecht Frederik van Pruisen en van Maria Eleonora van Gulik-Kleef. Foto: Jörg P. Anders /© SPSG

Vandaag opent in slot Charlottenburg aan de Spandauer Damm een bijzondere tentoonstelling over de rol van de vrouwen in de beroemde Hohenzollern dynastie, een Duits vorstengeslacht dat oorspronkelijk uit Zwaben kwam.

De Hohenzollern trokken in het jaar 1415 naar Brandenburg en Berlijn. Vijfhonderd jaar lang bepaalden zij hoe het er in de regio, in Duitsland en in Europa aan toeging. Daarbij speelden de vrouwen van deze dynastie een wezenlijke, tot nu toe nauwelijks waargenomen rol.

De tentoonstelling FRAUENSACHE (vrouwenzaak, iets voor vrouwen) stelt voor de eerste keer in de geschiedenis de betekenis van de vrouwen binnen de Hohnzollern dynastie – hun ambitie, hun doelen, hun nederlagen en succes – centraal. Dit gebeurt op een oppervlakte van 1.200 vierkante meter, verdeeld over vijf ruimtes.

Augusta van Saksen-Weimar-Eisenach (Weimar, 30 september 1811 - Berlijn, 7 januari 1890) was een Duitse prinses uit het Huis Wettin. Foto: Roland Handrick /© SPSG

Augusta van Saksen-Weimar-Eisenach (Weimar, 30 september 1811 – Berlijn, 7 januari 1890) was een Duitse prinses uit het Huis Wettin. Foto: Roland Handrick /© SPSG

De expositie toont dat bewuste huwelijkspolitiek en de ontwikkeling van Berlin-Brandenburg onafscheidelijk met elkaar verbonden zijn. Huwelijken bezegelden politieke bondgenootschappen. Door huwelijken werden niet alleen de grenzen verlegd, maar ook sociale, culturele en politieke verbindingen gesloten. Huwelijken verankerden de Hohenzollern in Europa: het door vrouwen geknoopte netwerk reikte van Italië tot Denemarken en van Engeland tot Rusland.

Unieke tentoonstellingsstukken uit Europese verzamelingen demonstreren de veelsoortige ideeën en hervormingen die samen met de vrouwen van de Hohenzollern dynastie naar Brandenburg-Pruisen kwamen.

Bij de tentoonstelling FRAUENSACHE is o.a. de oudste vrouwenjurk uit Brandenburg (circa 1460) te zien, de kroningsmantel van koningin Augusta en het uniform van de laatste keizerin. In de door mannen gedomineerde wereld van het hof konden vrouwen zich alleen succesvol handhaven als ze hun speelruimte handig benutten. Met de juiste jurk werden ze echtgenote, koningin of mode-icoon.

FRAUENSACHE
22-08-2015 tot 22-11-2015
Openingstijden: dinsdag t/m zondag 10:00 – 18:00 uur (toegang tot 17:00 uur)
Het aantal toegangskaarten per dag is beperkt. Daarom is het raadzaam in de online ticketshop (https://tickets.spsg.de) vroegtijdig een ticket met vaste toegangstijd te kopen.
Prijzen: 14 euro, gezinskaart 30 euro (2 volwassenen + max. 4 kinderen).
Bahncard: Bezoekers met een BahnCard betalen op vertoning van de kaart de gereduceerd toegangsprijs van 10 euro i.p.v. 14 euro.

Website: www.spsg.de

Dichteres wint belangrijke literatuurprijs voor proza

Nora Gomringer (r) wint Ingeborg-Literatur-Preis 2015. Foto Johannes Puch - www.johannespuch.at

Nora Gomringer (r) wint Ingeborg-Literatur-Preis 2015. Foto Johannes Puch – www.johannespuch.at

Staat de microfoon aan? Test, test.
Staat de microfoon aan? Oké, dus ik hoop dat het zo lukt.
Hallo. Hallo. Eerste dag.
Mijn naam is Nora Bossong, ik schrijf een tekst
of beter gezegd shit.
Mijn naam is Nora Bossong, dit hier is het onderzoek bij de tekst ‘De god van de verloren dingen’. Oké.
Eerste dag.
Weergave. Oké. Recording loopt. Oké.
Ik bezoek de familie Terp. Mevrouw Terp woont met haar dochter Evely op de vijfde verdieping, Gönnerstraße 18.

Dat is de vertaling van de tekst waarmee de Duitse dichteres Nora Gomringer (1980) haar lezing op de eerste dag van de *Ingeborg-Bachmann-Preis begint. Na het horen van de eerste zin weet je niet of ze al is begonnen of dat ze de microfoon test alvorens ze beginnen wil. Pas als ze leest ‘Mijn naam is Nora Bossong’ weten de luisteraars dat de eerste zin bij het verhaal Recherche (onderzoek) hoort.

Nora Gomringer leest haar tekst voor als een gelouterde spreekster van hoorspelen. Haar jarenlange ervaring als performing poet blijkt een groot voordeel. Maar wie goed luistert, merkt dat het verhaal bijzonder knap in elkaar steekt. Nadat Nora Bossong haar microfoon heeft getest, staat er dat ‘ze een rode mantel draagt als ze bij ons aanbelt’. Het perspectief is verschoven naar Evelyn, de dochter van mevrouw Terp op de vijfde verdieping. Evelyn oefent in het opnemen van intense indrukken bij andere mensen. Ze wil immers actrice worden.

Als de schrijfster Nora Bossong even later aan mevrouw Terp vraagt waar zijn kamer was, word ik als lezer nieuwsgierig. Die nieuwsgierigheid houdt het hele verhaal aan. Geen nieuwsgierigheid naar feitjes als ‘welke kamer, welke persoon, is hij dood, waarom?’, maar nieuwsgierig naar de volgende regel, het volgende woord. Immers, iedere zin staat als een huis en bevat nieuw, interessant materiaal. Nora Gomringer schrijft in prachtige beelden zonder dat je over de adjectieven struikelt. Die heeft ze niet nodig. Neem nou deze zin, die opduikt als Nora Mossong bij de heer Thomas aanbelt en vraagt of ze even binnen mag komen om wat vragen te stellen. Hij antwoordt met ‘ja’ en dan staat er:
Bei Herr Thomas ist alles durcheinander, einschließlich Herrn Thomas.  (Bij mijnheer Thomas is alles door elkaar, mijnheer Thomas meegerekend).
Eén eenvoudige zin waarbij je meteen een beeld hebt van mijnheer Thomas en de ruimte waarin hij woont. Het is soms lachen geblazen in de woning van mijnheer Thomas, een man die heerlijke onzin uitkraamt, maar waarbij je je wel afvraagt of het niet een geniale gek is? Immers, hij speelt als een dichter met woorden, maar heeft wel de realiteit en ook de vragen van Nora Bossong uit het oog verloren.

Nora Gomringer (foto Johannes Puch - http://www.johannespuch.at)

Nora Gomringer (foto Johannes Puch – http://www.johannespuch.at)

De bezoeken die Nora Bossong aan de huisbewoners aflegt vertellen het verhaal. Schrijfster Nora Gomringer maakt daarbij geregeld en op doeltreffende wijze gebruik van perspectiefwisselingen om duidelijk te maken wat zich in dit huis allemaal afspeelt en heeft afgespeeld. Het is bijvoorbeeld de verteller in het verhaal die zegt, dat Nora Bossong in het trappenhuis zit en even een pauze inlast. Dan laat de verteller de lezer weten dat Nora zich een aantal dingen afvraagt: “Ben ik een schrijfster of een oorlogsverslaggever? Is het mij ernst, wat het vertellen betreft? Waar is de jongen naartoe? Tobias Gerling. 13 jaar. Gestorven na een val van de vijfde verdieping, van het balkon van de woning van de familie Terp.”

Na bovenstaande weten we dat Tobias van het balkon is gevallen. Nora Bossing vraagt zich nog meer af, alleen op een andere manier in beeld gebracht: “Moeder Terp en dochter Evelyn doen op die dag kort boodschappen, door de politie via het mobieltje tussen schappen met conserven en het schap met graanproducten Quinoa, tarwe, maismeel, alle andere soorten meel en oliën, op de hoogte gebracht van de dood van het pleegkind. De politie had het nummer nog van Evelyns aangifte vanwege het aanstoot geven in het openbaar toen ze het kleine meisje niet uit de paskamer van Karstadt (red. = bekende Duitse warenhuisketen) wilde laten gaan. “Intense indrukken” had ze als verklaring opgevoerd en de hele tijd gezegd, dat dit het huiswerk is van iemand die een goede toneelspeler wil worden.”

‘unieke stemmenpolyfonie’

De 16 pagina’s tellende tekst bevat tal van lagen en verwijzingen, maar die doen geen afbreuk aan de vlotheid van het verhaal. Na de lezing in Klagenfurt geven de leden van de zevenkoppige jury meteen hun mening. Sandra Kegel (FAZ-redactrice van het Feuilleton-katern) zegt dat de schrijfster erin is geslaagd een uitermate complex vormgegeven fantasiespel neer te zetten, een vernietigingskomedie. Een zelfbespiegelende tekst over het zoeken naar de waarheid en die leeft van de voortdurende perspectiefwisseling en een unieke stemmenpolyfonie voortbrengt. Juri Steiner (kunsthistoricus en Germanist) noemt het een kosmisch experiment waarin het huis als symbool voor het hele universum gezien kan worden. Hij heeft het over ‘goddeeltjes’ en verwijst hiermee naar de kwantummechanica. De schrijfster Bossong is het goddeeltje in een permanente versnelling. Ter aanvulling van zijn motief heeft hij het over The answer is the universe. But what is the question? Dat is volgens hem het raadselachtige aan het verhaal, omdat het antwoord – de wereld dus – er is. Hubert Winkels (journalist en literatuurrecensent) noemt het literatuur-in-literatuur-in-literatuur en vindt het mooi beschreven dat je als lezer weet, dat eigenlijk iedereen in huis schuldig is aan de dood van de jongen. Hij noemt ook Goethes Erlkönig die tegen het einde in het verhaal opduikt. Hildegard Keller (literatuurwetenschapster en literatuurrecensent) roemt vooral de ondoorgrondelijkheid in het verhaal, dat het er ook over gaat wat er in dat huis allemaal wordt verzwegen. Stefan Gmünder (literatuurredacteur bij ‘Der Standard’) zegt dat het in het verhaal om schepping gaat, om uit niets anders dan taal een wereld, een kosmos te creëren met zo veel perspectieven. Het is volgens hem ook een tekst over het schrijven en hij vindt de constructie ‘waanzinnig goed gemaakt’. Klaus Kastberger (Germanist en literatuurrecensent) merkt op dat zowel  de jury als het publiek aan het verhaal hebben meegewerkt. “We waren onderdeel van een gesimuleerde realiteit”.  In het verhaal komt de Ingeborg-Bachmann-Preis inderdaad letterlijk voor: “Het zijn weer die dagen waarin de prijsuitreiking bij omroep 3sat wordt uitgezonden.” Kastberger vraagt zich hardop af of de tekst de lijn van de historistische avant-garde doortrekt of dat het een voor de media in scene gezette tekst is en het om de mediale setting gaat.

Nora Gomringer neemt de prijs en de bloemen met tranen in de ogen in ontvangst. Ze vertelt dat de prijsuitreiking hard is en dat ze het hopen en lijden van de collega’s kan voelen. Het toeval wil dat ik Nora Gomringer twee weken geleden voor het eerst persoonlijk leerde kennen tijdens het poëziefestival in Berlijn. Drie dagen lang werkte ik als vertaler met haar en de Vlaamse dichteres Maud Vanhauwaert in een workshop, onderdeel van het project VERSSchmuggel. Ik voelde me bijzonder vereerd met de twee sympathieke en levendige dichteressen samen te mogen werken. Twee vrouwen die met passie aan hun teksten werken, die daarbij gevoelens niet uit de weg gaan en echt alles geven. “Misschien werk ik nu wel samen met de toekomstige winnares van de Ingeborg-Bachmann-Preis”, dacht ik nog nadat Nora me vertelde dat ze was uitgenodigd aan de gerenommeerde Ingeborg-Bachmann-Preis deel te nemen.

Jurylid Sandra Kegel Foto: ORF/Johannes Puch.

Jurylid Sandra Kegel Foto: ORF/Johannes Puch.

* Ingeborg-Bachmann-Preis
Ter nagedachtenis aan de Oostenrijkse schrijfster Ingeborg Bachmann riep de Oostenrijkse stad Klagenfurt in 1976 de Ingeborg-Bachmannpreis in het leven. Deze wordt sinds 1977 tijdens het meerdaagse evenement Tage der deutschsprachigen Literatur (Dagen van de Duitstalige literatuur) uitgereikt.

De prijs (€25.000) geldt als één van de belangrijkste literaire onderscheidingen in het Duitstalige gebied (Duitsland – Oostenrijk – Zwitserland). Soms bestaan de teksten uit een stuk van een roman, soms zijn het op zichzelf staande stukken proza. De nog niet eerder gepubliceerde tekst wordt tot het moment van voorlezen geheim gehouden. Het voorlezen mag niet langer dan 30 minuten duren.

Sinds 2008 nodigen de zeven juryleden jaarlijks twee schrijvers uit om deel te nemen. Daarom bedraagt het aantal deelnemers jaarlijks 14 schrijvers. Vóór 2008 bestond de jury uit negen leden en deden er 18 schrijvers mee.

Het verhaal Recherche staat als pdf-bestand op internet. De tekst direct als pdf-bestand downloaden kan hier.

Lezing + commentaar jury op video (pagina scrollen)

 

Honden en kunst in een unieke tentoonstelling

BPK 43.652

Rembrandt: De barmhartige Samaritaan 1633. © Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett / Foto: Jörg P. Anders

Rembrandt maakte ooit een ets met een kakkende hond. Het resultaat is te zien in de zomertentoonstelling Wir kommen auf den Hund in het Berlijnse Kupferstichkabinett. De woordspeling met hondenweer wilde ik ook maken, maar iemand van de Duitse omroep RBB schreef al eerder over een tentoonstelling, ‘waarschijnlijk passend bij het huidige hondenweer’.

Pablo Picasso: Le Chien (Der Hund), 1936. Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett. © Succession Picasso/VG Bild-Kunst, Bonn 2015/ Foto: Volker-H. Schneider

Pablo Picasso: Le Chien (Der Hund), 1936. Staatliche Museen zu Berlin, Kupferstichkabinett. © Succession Picasso/VG Bild-Kunst, Bonn 2015/ Foto: Volker-H. Schneider

Uniek
Dit is dé tentoonstelling voor de ware hondenliefhebber én de ware kunstliefhebber. Het Kupferstichkabinett toont deze zomer de mooiste schilderijen van hond en mens. Daarbij maakt het museum gebruik van zijn unieke positie over de meest omvangrijke en thematisch breedste verzameling Europese kunst uit 10 eeuwen in Duitsland te bezitten. Hieronder vallen prachtige werken met dieren van onder andere Agostino Carracci, Albrecht Dürer en Rembrandt tot Adolph Menzel, Otto Dix, Picasso, Max Liebermann en Dieter Roth.

Rembrandt
De tentoonstelling toont een scala aan thema’s die de kunst en de hond met elkaar verbinden. De hond is bij de voorstelling van het begin van de geschiedenis van de mens al terug te vinden in het paradijs naast Adam en Eva. De verschillende werken tonen de hond o.a. als waakhond, jachthond en als begeleider op de straten in grote steden. De kunstenaars gebruiken de hond ook als motief om gebruikelijke uitdrukkingsvormen te doorbreken, zoals Rembrandt, die op de voorgrond van een Bijbelse scene een hond plaatst die zojuist zijn behoefte heeft gedaan. Naast de studies naar de anatomische details hebben kunstenaars de geliefde viervoeters op talloze losse vellen als enig motief vastgelegd, tot aan het hondenportret aan toe.

Wir kommen auf den Hund!
van: 26.06.2015 tot: 20.09.2015
Kupferstichkabinett
Matthäikirchplatz
10785 Berlin

Openingstijden:
Zo 11:00 – 18:00
Ma gesloten
Di 10:00 – 18:00
Wo 10:00 – 18:00
Do 10:00 – 20:00
Vr 10:00 – 18:00
Za 11:00 – 18:00

Website museum

« Oudere berichten Recent Entries »