Author Archives: AvG

Als het moment klopt

bankDat er in Europa armoede heerst, dat is geen geheim. In grote steden is dat vaak zichtbaarder dan in een dorp, waar de armoede veelal verborgen blijft. Voor je het weet bombardeert het dorpshoofd je tot de arme sloeber van het dorp en dan zijn de rapen gaar. Dan liever doen alsof het goed met je gaat en ondertussen de laatste  eurocentjes twee keer omdraaien, met de gordijnen dicht, zodat het dorpsopperhoofd het niet ziet.

Hier in Berlijn behoren de flessenophalers net zo tot het dagelijkse straatbeeld als de DHL-chauffeurs die alle digitaal aangeschafte waren bij de mensen thuis bezorgen. Immers, in Duitsland leveren vrijwel alle flessen (en ook blikjes!) statiegeld op. Naast de flessenverzamelaars heb je ook de mensen die met een beker voor zich op straat zitten en wachten tot hun beker met geld gevuld is. Een ander fenomeen kwam ik vanavond tegen. Ik moest nog even langs mijn bank om geld uit de automaat te halen. Ik viel bijna naar binnen, omdat een portier de deur voor mij openhield. Het bankfiliaal bij mij in de straat is wel heel bijzonder. Laatst dronk ik hier namelijk nog een glas sekt en liep ’s ochtends al lichtelijk aangeschoten de straat op.

Nu stond hier ’s avonds dus een portier. De jongen, ik schatte hem een jaar of 25, boog zijn arm nog galant opzij om mij hartelijk welkom te heten in dit bankfiliaal. Terwijl ik even later mijn pincode intypte, zag ik uit mijn ooghoeken dat de jongeman ook voor iedereen de deur openhield die het pand wilde verlaten. Naast hem stond een grote doorzichtige plastic beker, die op muziekfestivals vaak met tapbier wordt gevuld. Hier diende de beker als plek om een fooi achter te laten.

Als je in Berlijn iedereen die om geld vraagt ook geld geeft, dan moet je over een bijzonder hoog inkomen beschikken. Zelf geef ik zo nu en dan iets. Mijn gift hangt van mijn gemoedstoestand én de andere persoon af. Deze jongen in de bank, aan zijn accent te horen afkomstig uit één van de voormalige Oostblok-landen, deed me denken aan één van de drie jongens die ik in de documentaire over ex-jeugdgevangenen had gezien. Het was een jongen die je een kans gunt, iemand die het eigenlijk wel goed met de mensen en het leven voor heeft maar door onvoorziene omstandigheden telkens weer in uitzichtloze situaties belandt en het dan niet meer trekt.

Daarnaast vond ik dit wel een mooi gebaar, telkens de deur openhouden en dat dan ook nog vol overgave en met een gulle lach. Overdag zit er iemand voor de bank die ik nooit iets geef. Een man met een wilde baard die gewoon chagrijnig zit te zitten en nog chagrijniger kijkt als je hem niets geeft. Deze portier verkeerde vast en zeker in net zo’n rotsituatie als de chagrijnige zitter, maar hij stond letterlijk nog in het leven en communiceerde op zijn manier met zijn medemensen. Ik wierp 2 euro in zijn beker, hij knikte, drukte zijn hand op zijn hart en wist niet hoe zeer hij zich bij mij moest bedanken. Maar daar ging het mij niet om, om dat bedankje. Die jongen verdiende in mijn ogen gewoon een steuntje in de rug en dan doe je dat. Soms doe je het bij een muzikant, omdat het moment klopt. Soms doe je het niet bij een muzikant, omdat het moment niet klopt. En vanavond deed ik het bij de bank, bij een jongen die voor mij de deur openhield, omdat het moment klopte.

P.S. Een P.S. bij een column is niet gebruikelijk maar ook niet strafbaar. Dus schrijf ik nog eventjes door. Bovenstaande column sluit goed aan op een bericht dat ik vandaag in de krant las. In de Berlijnse wijk Charlottenburg-Wilmersdorf staan sinds twee dagen speciale bakken voor statiegeldflessen naast de normale prullenbakken. Deze speciale bakken zijn speciaal bedoeld voor de mensen die vanwege geldgebrek op zoek zijn naar de statiegeldflessen, die veelal door toeristen argeloos in de prullenbakken worden gedeponeerd. Op deze manier hoeft de flessenverzamelaar niet meer door het vuilnis te woelen om een fles te vinden. Het plaatsen van deze bakken is een pilotproject.

Witte duiven

Witte duiven
vliegen door de blauwe morgenlucht…
groet, witte duiven
mijn meisje van mij!

Vlieg mijn naam
voor haar venster
in het ochtendblauw
hoe zal ze zich verheugen!

»Oh jullie lieve, witte duiven
in de blauwe ochtend,
groet hem,
groet hem weer van mij!»

Jullie witte duiven!

wdBovenstaand gedicht is mijn vertaling van het gedicht Weiße Tauben van de Duitse dichter Christian Morgenstern:

Weiße Tauben

Weiße Tauben
fliegen durch blaue Morgenluft…
grüßet, weiße Tauben,
mein Mädchen von mir!

Fliegt meinen Namen
vor ihrem Fenster
ins Morgenblau –
wie wird sie sich freuen!

»Oh ihr süßen, weißen Tauben
im blauen Morgen,
grüßt ihn,
grüßt ihn mir wieder!»

Ihr weißen Tauben!

Barfly van Charles Bukowski

Charles Bukowski (Foto: Wikipedia)

Charles Bukowski (Foto: Wikipedia)

Charles Bukowski (Duitsland, 1920 – Los Angeles, 1994) groeide op in Los Angeles. In zijn werk liggen inhoud en vorm op één lijn; vaak schokkende gebeurtenissen in evenzo schokkend taalgebruik. Dat geldt voor de omstreden verhalenbundel Verhalen van alledaagse waanzin en eveneens voor zijn bundel Warmwatermuziek.

Het verhaal voor de film Barfly is geschreven door Bukowski zelf. De hoofdpersoon, Henry Chinaski, stamt uit zijn roman Duvelstoejager (oorspr. Factotum). Met Barfly waagde Bukowski zich voor het eerst in zijn leven aan het schrijven van een film. Hierbij wijkt hij niet af van zijn thematiek. Zijn verhalen spelen zich dikwijls af aan de zogenaamde zelfkant van de maatschappij waar het straatbeeld wordt bepaald door hoeren, pooiers, armoedzaaiers, misdadigers en mislukte, aan de drank verslaafde schrijvers. Ook Barfly speelt zich in een dergelijk milieu af.

Protagonist Henry Chinaski wordt op fenomenale wijze vertolkt door de Amerikaanse acteur Micky Rourke. Chinaski is geen doorsnee zuiplap. Hij is weliswaar regelmatig te vinden in zijn stamkroeg in Los Angeles, maar er zijn weinig drinkers die gedichten schrijven en filosofische bespiegelingen spuien.

In het begin van de film zien we Henry Chinaski in gevecht met Eddie, de macho barman, gespeeld door Frank Stallone (inderdaad de broer van). Het is een ‘eerlijk gevecht’ waarin alleen de vuisten worden gebruikt. Verderop in de film blijkt dat Chinaski regelmatig met Eddie vecht. De vaste klanten van deze kroeg sluiten telkens weddenschappen op de afloop af.

Na de knokpartij zien we dat een geheimzinnige man op het kleine, rommelige kamertje van Henry Chinaski rondloopt. Dit heerschap, een ingehuurde detective van uitgeefster Tully Sorenson, neemt foto’s van Henry’s aantekeningen. Na die scene ontmoet Henry een vrouw die zijn levensvisie deelt. Deze vrouw heet Wanda en wordt schitterend neergezet door niemand minder dan Faye Dunaway. Wanda is tussen de veertig en vijftig jaar oud en drinkt nog meer dan Henry, die echter drinkt, omdat er volgens hem verder niets te doen is. Wanda drinkt, omdat drinken het enige is wat er voor haar te doen is. Ooit was ze mooi om te zien maar haar gezicht heeft door het drinken duidelijk zijn sporen achtergelaten. Ze draagt ouderwetse kleren die al jaren uit de mode zijn. Wanda probeert zich stijlvol voort te bewegen, ook als ze behoorlijk dronken is.

De ontmoeting met Wanda is bijna letterlijk overgenomen uit de roman Duvelstoejager (Factotum). Wilbur, de man die Wanda van veel geld voor drank voorziet, wordt in de film alleen even genoemd. In het boek komt Wilbur echter uitgebreid aan bod. Bukowski gebruikte dus slechts delen uit zijn boeken bij het schrijven van deze film.

In Barfly komt Henry Chinaski in contact met de uitgeefster Tully Sorenson, een aantrekkelijke vrouw van achter in de twintig, geleerd, netjes, warm, nerveus, verdrietig en aardig tegelijk. Ze heeft de neiging meer vreugde uit te stralen dan ze werkelijk heeft. Tully is ongelukkig in relaties maar blijft volharden in het zoeken naar een ander. Via de detective die eerder in Henry’s kamer speurde komt ze met Henry Chinaski in contact. Haar tijdschrift wil graag enkele verhalen van hem uitgeven. Ze overhandigt hem persoonlijk een cheque. Als Chinaski bij haar op bezoek is, ze heeft hem meegenomen naar haar grote villa, komt ze wederom bedrogen uit.

“You know, in the guesthouse you could write in peace”, vertelt ze. Nobody who can write worth a damn ever writes in peace”, luidt het antwoord van Henry Chinaski. It’s a cage with golden bars.”

Uiteindelijk belandt Henry Chinaski weer bij Wanda en in zijn stamkroeg. Immers, als hij bij Tully Sorenson zou intrekken, dan zou hij zijn leven als kroegloper moeten opgeven, waardoor zijn bron van inspiratie snel opdroogt. Aan het eind van de film loopt hij Tully nog één keer tegen het lijf. Hij zit samen met Wanda in zijn stamcafé. De twee drinken er lekker op los van het geld dat Chinaski van de uitgeefster heeft gekregen. Tully Sorensen betreedt de kroeg en Wanda herkent het luchtje dat ze eerder bij Henry rook. Ze weet dat dit de vrouw is die met Henry samen was. De twee vrouwen vliegen elkaar vervolgens in de haren. Uiteindelijk verlaat Tully Sorenson de kroeg. Ze heeft dan toch door dat het nooit iets kan worden tussen haar en de schrijver Henry Chinaski.

Barfly is een echt Bukowski film. De schrijver was dan ook nauw betrokken bij de opnamen. Kortom, wie Bukowski’s verhalen graag leest zal zich bij deze film kostelijk vermaken.

Bekijk de complete film op Vimeo

« Oudere berichten Recent Entries »