Category Archives: Varia

Eend waagt oversteek Vondelpark naar Westerpark

eeeHij heeft er ongeveer een week over gedaan. Eendenvolger Heinrich de Korte uit Amsterdam volgde de trektocht van een ‘Vondelparkeend’ naar het Westerpark op de voet. “Normaal blijven de eenden van het Vondelpark in het Vondelpark en gaan ze nooit naar een ander park toe. Deze eend is een uitzondering. Hij trotseerde de drukke binnenstad en slaagde er in het Westerpark te bereiken.”

Het vertrek
De Korte heeft de hele reis op de voet gevolgd. “Ik loop altijd in parken rond om de eenden te zien. Ik was stomverbaasd toen ik een eend het park uit zag wandelen. Hij had z’n achterkant een beetje omhoog, hetgeen wil zeggen ‘jongens, bekijk het maar, ik ga er vandoor’. Door die speciale houding was mijn aandacht getrokken en liep ik achter hem aan.” De eend wandelde naar de 3e Kostverlorenkade en langs de waterkant rustte hij een dagje uit. “Ik wist op dat moment niet wat hij van plan was. Zou hij weer teruggaan naar het Vondelpark of zou hij hier blijven? Het is toch jammer dat zo’n eend je daar op zo’n moment geen antwoord op kan geven.”

Voorrang
Het verdere verloop van de reis was voor de eend niet geheel zonder risico’s. Een taxichauffeur weet zich de watervogel nog goed te herinneren. “Ik reed in de Kinkerstraat, op weg naar het Leidseplein. Zie ik opeens een eend op de straat. Maar die eend liep niet zomaar de straat over, nee, hij wachtte langs de stoeprand en keek me aan. Ik schrok me rot. Zoiets verwacht je niet. Hij keek zo schuin omhoog. Automatisch trapte ik op de rem om hem voor te laten gaan. Waarom ik dat deed weet ik niet. Voor je gevoel heeft een eend altijd voorrang, hoewel daar volgens mij niets over in de verkeersregels staat.”

Naam
De Korte: “Het was zaterdagochtend, zeven uur. De eend had de nacht doorgebracht in een portiek in de De Clerqstraat. Ik had niet gedacht dat hij bij het ontwaken meteen richting Westerpark zou gaan.” De eend stond bij aankomst in het Westerpark volop in de belangstelling. Enkele tientallen eenden, zwanen, duiven en andere vogels zagen hoe de eend via de Kostverlorenvaart hun park binnen zwom. De Korte kan zich die beelden nog goed herinneren. “Ik heb altijd een fototoestel bij me. Die blik van de eend was prachtig. Moe, maar voldaan, zoiets.” De eend heeft nog geen naam, maar er zijn al veel mensen die een naam voor hem hebben. De Korte heeft een duidelijke mening over de naamgeving. “Het is een eend. Een eend heet geen Dappertje, Pietje of Christoffel. Eenden noemen elkaar niet bij de naam, want daar zijn het eenden voor. Het is typisch iets voor de mens om zo’n eend een naam te geven. Belachelijk gewoon. Daarom vind ik dat die eend geen naam moet krijgen. Een eend is een eend, punt uit.”

Als bomen spreken

tree“Ik kan met de duiven spreken”, vertelde hij.
Ik zei niets en schudde wat ongelovig met mijn takken. De duiven kende ik wel, maar dat een boom met duiven kan praten, daar had ik nog nooit van gehoord.
“Je gelooft me niet, hè?”
“Nee, niet echt. Ik heb veel verhalen gehoord over bomen, maar dit is echt nieuw voor me.”
“Ik heb een plan en met dat plan zal ik je bewijzen dat ik met de duiven kan spreken.”
“Vertel maar.”
“Nou, die BMW. Ik weet dat je een hekel hebt aan die kerel die altijd zijn auto tegen jouw stam aanzet. Ik heb eens zitten denken en plotseling schoot me iets fantastisch te binnen.”
“Oh?”
“Vanavond gaat het gebeuren. Vanavond wordt het hier erg druk, maar ook erg gezellig.”
“Wat ga je dan doen?”
“Een verrassing. Wacht maar tot vanavond.”
Ik was zeer benieuwd naar zijn plan. Zou hij vanavond een vergadering met de duiven uit de buurt beleggen? Of misschien liet hij mij ook met die vogels praten.
De dag duurde lang, maar, vroeg in de avond, zag ik de eerste duiven mijn richting opkomen. Mijn buurman vertelde dat er een stuk of honderd duiven op mijn takken zouden plaatsnemen.
“Maar waarom?”, vroeg ik.
“Wacht maar rustig af. Wacht maar af.”

Ik wachtte af en intussen zaten de duiven rijen dik op mijn takken. Het viel me plotseling op dat ze allemaal een bepaalde houding aannamen. Ze richtten hun vijandige vizier op de rode BMW onder mij. En toen viel de eerste duivenstront op het dak van de auto. Meer en meer stront denderde naar beneden en droop langs de autoramen naar de grond. De auto was door de grote hoeveelheid duivenstront nauwelijks meer te herkennen.

De mensen die zich tijdens die enorme kakpartij op straat bevonden renden angstig weg. Het klapperen van het grote aantal vleugels leek even paniek te veroorzaken, maar gelukkig vlogen de duiven op tijd weer uit elkaar. De mensen op straat lachten om de eigenaar van de BMW, die in paniek op het geluid van de vogels was afgekomen. Ik zag hem naar me opkijken. Hij werd kwaad en schopte uit woede tegen mijn stam. Ik voelde me opgelucht. De man parkeerde zijn auto voortaan ergens anders.

Als het moment klopt

bankDat er in Europa armoede heerst, dat is geen geheim. In grote steden is dat vaak zichtbaarder dan in een dorp, waar de armoede veelal verborgen blijft. Voor je het weet bombardeert het dorpshoofd je tot de arme sloeber van het dorp en dan zijn de rapen gaar. Dan liever doen alsof het goed met je gaat en ondertussen de laatste  eurocentjes twee keer omdraaien, met de gordijnen dicht, zodat het dorpsopperhoofd het niet ziet.

Hier in Berlijn behoren de flessenophalers net zo tot het dagelijkse straatbeeld als de DHL-chauffeurs die alle digitaal aangeschafte waren bij de mensen thuis bezorgen. Immers, in Duitsland leveren vrijwel alle flessen (en ook blikjes!) statiegeld op. Naast de flessenverzamelaars heb je ook de mensen die met een beker voor zich op straat zitten en wachten tot hun beker met geld gevuld is. Een ander fenomeen kwam ik vanavond tegen. Ik moest nog even langs mijn bank om geld uit de automaat te halen. Ik viel bijna naar binnen, omdat een portier de deur voor mij openhield. Het bankfiliaal bij mij in de straat is wel heel bijzonder. Laatst dronk ik hier namelijk nog een glas sekt en liep ’s ochtends al lichtelijk aangeschoten de straat op.

Nu stond hier ’s avonds dus een portier. De jongen, ik schatte hem een jaar of 25, boog zijn arm nog galant opzij om mij hartelijk welkom te heten in dit bankfiliaal. Terwijl ik even later mijn pincode intypte, zag ik uit mijn ooghoeken dat de jongeman ook voor iedereen de deur openhield die het pand wilde verlaten. Naast hem stond een grote doorzichtige plastic beker, die op muziekfestivals vaak met tapbier wordt gevuld. Hier diende de beker als plek om een fooi achter te laten.

Als je in Berlijn iedereen die om geld vraagt ook geld geeft, dan moet je over een bijzonder hoog inkomen beschikken. Zelf geef ik zo nu en dan iets. Mijn gift hangt van mijn gemoedstoestand én de andere persoon af. Deze jongen in de bank, aan zijn accent te horen afkomstig uit één van de voormalige Oostblok-landen, deed me denken aan één van de drie jongens die ik in de documentaire over ex-jeugdgevangenen had gezien. Het was een jongen die je een kans gunt, iemand die het eigenlijk wel goed met de mensen en het leven voor heeft maar door onvoorziene omstandigheden telkens weer in uitzichtloze situaties belandt en het dan niet meer trekt.

Daarnaast vond ik dit wel een mooi gebaar, telkens de deur openhouden en dat dan ook nog vol overgave en met een gulle lach. Overdag zit er iemand voor de bank die ik nooit iets geef. Een man met een wilde baard die gewoon chagrijnig zit te zitten en nog chagrijniger kijkt als je hem niets geeft. Deze portier verkeerde vast en zeker in net zo’n rotsituatie als de chagrijnige zitter, maar hij stond letterlijk nog in het leven en communiceerde op zijn manier met zijn medemensen. Ik wierp 2 euro in zijn beker, hij knikte, drukte zijn hand op zijn hart en wist niet hoe zeer hij zich bij mij moest bedanken. Maar daar ging het mij niet om, om dat bedankje. Die jongen verdiende in mijn ogen gewoon een steuntje in de rug en dan doe je dat. Soms doe je het bij een muzikant, omdat het moment klopt. Soms doe je het niet bij een muzikant, omdat het moment niet klopt. En vanavond deed ik het bij de bank, bij een jongen die voor mij de deur openhield, omdat het moment klopte.

P.S. Een P.S. bij een column is niet gebruikelijk maar ook niet strafbaar. Dus schrijf ik nog eventjes door. Bovenstaande column sluit goed aan op een bericht dat ik vandaag in de krant las. In de Berlijnse wijk Charlottenburg-Wilmersdorf staan sinds twee dagen speciale bakken voor statiegeldflessen naast de normale prullenbakken. Deze speciale bakken zijn speciaal bedoeld voor de mensen die vanwege geldgebrek op zoek zijn naar de statiegeldflessen, die veelal door toeristen argeloos in de prullenbakken worden gedeponeerd. Op deze manier hoeft de flessenverzamelaar niet meer door het vuilnis te woelen om een fles te vinden. Het plaatsen van deze bakken is een pilotproject.

« Oudere berichten Recent Entries »